door
Administrator
13 feb 2007
De Nieuwe Kerk in Amsterdam heeft de catalogus bij een tentoonstelling over Istanbul onder druk aangepast. Uit 'respect' voor Turkije. Maar bij eisen van autoritaire regimes is begrip niet op zijn plaats
Gerry van der List
'Respect', het is het toverwoord in het regeerakkoord en het is het toverwoord in de multiculturele samenleving. Je moet altijd begrip hebben voor elkaars woorden en daden. Samen komen we er wel uit. De etnische minderheden spelen handig in op deze halfzachte houding. Als een Marokkaantje beleefd wordt aangesproken op asociaal gedrag, roept hij 'Respect, man!'
Ook de Turkse overheid profiteert. Toen De Nieuwe Kerk in Amsterdam een tentoonstelling organiseerde over Istanbul, eiste, zo werd gisteren bekend, Turkije dat wetenschappelijke bijdragen aan de catalogus zouden worden aangepast. Passages over Koerden in Istanbul en over homoseksualiteit onder Osmanen sneuvelden. Een artikel over de genocide op Armeniërs werd zelfs helemaal geweerd.
Die druk van buitenaf is niet nieuw. De Chinese ambassade bijvoorbeeld oefende druk uit toen het Wereldmuseum in Rotterdam een expositie organiseerde over de Dalai Lama, die met zijn strijd voor een onafhankelijk Tibet Beijing op de zenuwen werkt. Zo proberen dictatoriale regeringen nu eenmaal de artistieke en wetenschappelijke vrijheid te beperken en de geschiedenis naar hun hand te zetten.
Het probleem is dat De Nieuwe Kerk aan dergelijke pressie geen weerstand heeft geboden. Waarom niet? Uit 'respect' voor de Turkse overheid. Net zoals bij een eerdere tentoonstelling het verlangen van Marokko naar een vervalste landkaart 'respectvol' werd benaderd en dus gewoon werd gehonoreerd.
Dat is het probleem van respect opbrengen. Als je steeds maar begrip wilt tonen voor onverdraagzaamheid, laat je uiteindelijk door onverdraagzame mensen en instanties over je heen lopen. De ogenschijnlijk diplomatieke opstelling van De Nieuwe Kerk is niets anders dan een knieval voor een autoritair regime.