door
Paul de Hen
24 jul 2007
De Europese Unie kan niet aan Libië ontkomen. Het was duidelijk dat klein, arm Bulgarije grote verwachtingen had van zijn toetreding tot de EU voor het lot van de Bulgaarse zusters die in Libië vrijwel zeker ten onrechte werden veroordeeld wegens het opzettelijk infecteren van kinderen met hiv.
De Unie spande zich inderdaad in, maar het is niet makkelijk omgaan met regime van kolonel Muammar Khadafi, de excentrieke leider van het land sinds 1969. Pas nu zijn ze vrij.
Terreuraanslagen
De prijs die is betaald is nog onduidelijk. In een eigen persbericht danken voorzitter José Manuel Barroso van de Europese Commissie en Benita Ferrero-Waldner (Externe Relaties) de emir en regering van de rijke Arabische oliestaat Qatar voor hun bemiddeling. De EU wilde geen geld geven, maar zou volgens persbureau Reuters wel toezeggingen over volledig herstel van de betrekkingen met Libië hebben gedaan.
Die waren ooit tot het minimum teruggebracht nadat Libië getroffen werd door VN-sancties. Khadafi’s regime wordt verantwoordelijk gehouden voor enkele terreuraanslagen, waaronder het laten neerstorten van een Amerikaans passagiersvliegtuig bij het Schotse plaatsje Lockerbie en het zou over 'wapens voor massavernietiging' beschikken.
Maar de sancties zijn deels opgeheven na concessies van Khaddafi in 1999. In 2003 deed de Libische leider ook toezeggingen over massavernietigingswapens. Sindsdien zijn ook de Libische betrekkingen met de Verenigde Staten verbeterd.
Lastig
Maar de relaties met de Europese Unie blijven lastig. In 1995 lanceerde de Unie het zogenoemde Barcelona-proces dat is bedoeld als basis voor speciale samenwerkingsovereenkomsten met de niet-EU-landen rond de Middellandse Zee.
Onder meer wordt een vrijhandelszone nagestreefd. Met alle betrokken landen, zelfs Syrië en de Palestijnse Autoriteit, zijn nu overeenkomsten getekend en meestal ook in werking. Niet met Libië, al zitten de Libiërs sinds 1999 als waarnemer bij de conferenties met de geassocieerde landen.
Akelig regime
Maar intussen kan de EU niet om Libië heen. Akelig regime of niet, het is de op vier na grootste leverancier van ruwe olie aan de EU-lidstaten; in 2004 kwam acht procent van het totale EU-verbruik er vandaan. Libië is ook de belangrijkste alternatieve leverancier van aardgas als er problemen zijn met Rusland.
En het zeer dunbevolkte (zes miljoen inwoners) land is een van de grote doorreislanden voor arme zwarte Afrikanen die illegaal naar Europa willen. De EU zou graag beter samenwerken met de Libiërs bij het weren van die ongewenste migrantenstroom.