Nieuwe baas van de Publieke Omroep, de EO-man Henk Hagoort, kan nuttig werk doen. Niet door een zedelijk offensief te starten, maar door het voetbal aan de commerciële zenders over te laten
Gerry van der List
Spannende tijden op de Nederlandse televisie. Zondag moet Peter R. de Vries bewijzen dat hij, na een volslagen mislukte loopbaan als politicus, beter op dreef is als detective door de zaak-Holloway op te lossen. Hij komt zelfverzekerd genoeg over, maar dat gold ook toen hij zich opwierp als staatsman en redder van het vaderland.
Spannend, maar in een heel andere zin, is ook de benoeming van de nieuwe baas van de Publieke Omroep. Henk Hagoort is namelijk afkomstig van de EO, een omroep die er geen been in ziet documentaires te censureren als hun boodschap niet strookt met de christelijke visie.
Onwaarschijnlijk amateuristisch
Met lede ogen zal hij toezien hoe BNN op 23 februari de klassieke, en onwaarschijnlijk amateuristische, pornofilm Deep Throat uitzendt. Voor vice-premier André Rouvoet van de ChristenUnie vormde dit al een reden tot protest. In de geheel verkeerde veronderstelling dat het kabinet zich moet uitspreken over het aanbod van programma’s op de buis.
Politieke bemoeienis is hoogstens gewenst als aannemelijk gemaakt kan worden dat bepaalde programma’s schade berokkenen. Maar dit is niet het geval bij de bijzondere orale technieken van Linda Lovelace, het onooglijke meisje met de diepe keel. Sowieso is nooit aangetoond dat porno een negatief effect heeft op de publieke moraal.
Dienst bewijzen
Hopelijk weet Hagoort zich in zijn nieuwe baan te bedwingen bij het uitdragen van zijn EO-moraal. Maar hij kan zeker de samenleving een dienst te bewijzen door de koers te verleggen van de Publieke Omroep. Bijvoorbeeld door te weigeren enorm veel gemeenschapsgeld uit te trekken voor het terughalen van de voetbalrechten.
Niet vanwege de zondagsrust, die Hagoort ongetwijfeld waardevol acht. Maar omdat commerciële stations zich graag over het voetbal ontfermen. Alleen in het enkele geval dat de vrije markt haar werk niet doet, is er een zinvolle taak voor door de overheid gefinancierde zenders.