door
The President's Man
12 jul 2008
De naam van de plaats van samenkomst luidde Unity en geen Warmth schreef het blad Newsday venijnig. Het was een verslag van het gezamenlijk optreden van Hillary Clinton en Barack Obama op 27 juni, nadat zij had toegegeven dat hij de kandidaat van de Democraten zou zijn bij de presidentsverkiezingen begin november.
De plaats Unity, een vlek in New Hampshire, was louter uitgekozen vanwege de symbolische waarde. Eindelijk pais en vree, leek het.
Obama was bereid als prijs voor de ‘overgave’ van Clinton een deel van haar kolossale campagneschulden (23 miljoen dollar) te betalen. Om hun goede wil te tonen dokten Barack en zijn vrouw Michelle ter plaatse 2.300 dollar elk, het wettelijk toegestane maximum, voor de campagne van Hillary. De volgende dag reciproceerden Bill en Hillary Clinton dat gebaar. Galant, maar zo schiet je weinig op.
Rotschulden
Enkele dagen later hield Obama een telefoonconferentie met zijn voornaamste geldgevers. Hij vroeg hen elk 2.300 dollar over te maken naar de campagnerekening van Clinton. De meeste donoren gingen akkoord omdat ze de waarde van dit blijk van goede wil inzagen.
Anderen kwamen minder vlot over de brug. ‘Laten de Clintons die rotschulden zelf afbetalen, ik ga hen er zeker niet bij helpen’, zei een lid van Obama’s Nationale Comité, waarin nu ook menige ex-donor van Clinton een plaats heeft gevonden, ´ze kunnen het makkelijk zelf ophoesten’.
Het blijft een duivels dilemma. Er van uitgaande dat donoren niet maar aan het betalen zullen blijven, betekent dat elke dollar die geschonken wordt om de schuldenlast op de rug van Hillary wat lichter te maken, niet kan worden ingezet voor de alles beslissende campagne tegen de Republikein John McCain. Maar het is ook zo dat als het Obamakamp in de ogen van het echtpaar Clinton niet werkelijk bij springt, de Clintons en hun aanhangers niet erg warm zullen lopen de herstelwerkzaamheden aan de eenheid van de partij, zo hard nodig om te winnen deze herfst, voortvarend ter hand te nemen.
Teleurgesteld
Clinton heeft haar eigen campagne 11 miljoen dollar geleend. Zij verwacht niet dat de Obamacampagne dat bedrag terug gaat betalen. Haar medewerkers zijn wel teleurgesteld dat Obama niet alle mensen op zijn lijst van anderhalf miljoen donoren een kleine bijdrage voor Hillary heeft gevraagd. Het verweer van Obama’s team luidt dat het de kleine donoren niet wil afleiden bij de voornaamste taak: het verslaan van John McCain.
‘Waarom zou ik helpen met het aflossen van die klere-schulden van Hillary Clinton waar zij zich in heeft gestoken om Barack Obama te kunnen beschadigen’, schreef iemand.
The New York Times voert een andere Democraat ten tonele die ‘nog geen dollarcent voor die vrouw’ over zegt te hebben. ‘De benzineprijzen zijn omhoog geschoten, het schoolgeld voor mijn kind voor deze herfst moet binnenkort betaald worden. Cheques uit te schrijven voor politici aan wie ik het land heb is dan niet mijn allergrootste prioriteit’.
Rancune
Dat Hillary haar grootste schulden maakte in de periode dat ze mathematisch gesproken toch al geen kans meer had om te winnen, maakt mogelijke donoren er niet toeschietelijker op.
Tijdens twee grote fundraisers in New York deze week waar Clinton en Obama samen geld inzamelden voor zijn campagne en voor haar schuldendelging, bedolven zij elkaar onder de complimenten. De grootste rancune scheen weggesmolten te zijn.
Op het allerhoogste niveau leek de vrede nu echt uitgebroken. Maar onder de kleine contribuanten aan de campagne van Obama bestaat nog weinig animo om Clinton voor een bankroet te behoeden.