door
Liesbeth Wytzes
17 sep 2008
Aan de stad Groningen heb ik de mooiste herinneringen. Mijn oma woonde er en die was geweldig. De leukste momenten van mijn leven voor ik tien werd, spelen zich af in en rond haar huis daar. En nu ben ik dolblij dat ik er niet ooit ben gaan wonen.
Stel je voor dat je daar je kinderen op school moet doen en ten prooi valt aan het absurde betuttelen dat scholen daar kennelijk doen. Want nu lees ik in NRC Handelsblad dat het binnen twee jaar bij alle 54 basisscholen in die stad wordt verboden om stil te staan met je auto. Het wordt een soort Schiphol, zeg maar, waar je als je er langer dan 3 seconden stilstaat, meteen een smeris ziet verschijnen die eens lekker makkelijk een bon gaat uitschrijven. Dat schiet goed op.
Flauwekul
Wat zijn de argumenten? De verkeersveiligheid rond de scholen moet worden vergroot, dat is één, en twee: ouders, die moesten maar eens met de fiets gaan in plaats van altijd weer die auto pakken. Deze scholen vinden dat hun kerntaak, namelijk het onderwijzen van kinderen in bepaalde onmisbare vakken, niet genoeg is, maar ze willen hun onderwijzersvingertje ook naar de ouders uitsteken.
Ik denk bij mezelf: waar mensen te hard rijden, daar komt de verkeersveiligheid in het gedrang, daar heb je kans onder een auto te komen en doodgereden te worden. En waar veel auto’s zijn, is het veiliger dan waar er maar eentje rijdt. Want die gaat dan meteen heel hard rijden. Hier gaat het om stilstaande auto’s, en die zijn natuurlijk helemaal niet gevaarlijk. Ja, je kunt er zelf tegenaan lopen, maar dan ben je wel een dommerd. Dus dat argument is flauwekul. Bovendien moeten kinderen van jongs af aan leren om te gaan met het verkeer en de gevaren daarvan.
Grootste moeite
Auto’s verbieden ergens te komen en zo de omgeving van de school verkeersluw te maken, zoals dat heet, lijkt mij nou niet de beste gewenningsmethode. Trouwens, worden niet alle scholen in ons land al omgeven door tientallen snelheidsafremmende drempels?
Dan die gekkigheid dat scholen vinden dat ouders met de fiets moeten komen. ‘Je wilt vaak snel, snel, snel,’ weet de lokale wethouder van GroenLinks. Ja, mevrouw, inderdaad, en waarom? Omdat je naar je werk moet! Daarom.
Tafels van tien
Scholen kunnen wel meer vinden. Dat moeders geen broeken aanmogen of dat vaders een snor moeten laten staan. Wie kan dat wat schelen. Laten ze zich alsjeblieft niet met dit soort onzin bezighouden, maar gewoon eens doen wat ze moeten doen en waar ze, laten we eerlijk zijn, al de grootste moeite mee hebben.
Namelijk: lesgeven. Het ene na het andere rapport over het beroerde niveau van het onderwijs verschijnt, met als klap op de vuurpijl het rapport-Dijsselbloem, de meeste onderwijzers kunnen niet beter rekenen dan de kleuters die zij lesgeven, en die gaan zich dan bemoeien met de manier waarop de kinderen naar school gaan? De ongetwijfeld vele uren tijd die zijn opgegaan aan gewichtig overleg met gemeente en andere scholen om dit stopverbod in te stellen, hadden ze beter kunnen besteden aan het leren van de tafels van tien.