Tijdens voetbalwedstrijden worden kinderen in shirts van Marokko gehesen
‘Ook immigranten zijn trots op Nederland’. Nee, dat is niet een kop die ik heb verzonnen, maar het is er een van de multicultirecidivist bij uitstek, Doekle Terpstra.
Na zijn eerdere acties ‘Kleur bekennen’ en ‘Benoemen en Bouwen’, mag hij in Trouw voor de derde keer zijn zachtgekookte ei kwijt. Dit keer in een opiniestuk n.a.v. een optreden in de Rode Hoed. Misschien is het teveel eer, maar ik kan het niet laten om Doekle weer van repliek te dienen.
Grote boodschap
Want wie bedoelt Terpstra nu eigenlijk met zijn trotse immigranten? De Marokkaanse jongen die op de achterbank in de bus poept? Is dit in wezen een verholen, grote boodschap van eerbetoon aan Holland, alleen het vlaggetje erin ontbreekt nog? Volgens de Goudse politiecommissaris betreft het een goed gebruik.
Of de Marokkaanse jongeren die een voetbalstadion afbreken bij een oefeninterland Jong Nederland-Jong Marokko en leuzen tegen Nederland schreeuwen? Of de auteurs van pareltjes als ‘Ik heb schijt aan de overheid’. Reuze populair bij delen van de allochtone jeugd?
Opvallend is dat generaliseren nooit mag van de politiek correcte, multiculturele goegemeente, behalve wanneer het om eventuele positieve zaken gaat natuurlijk. Want laten we wel wezen: de kop van Doekle generaliseert natuurlijk bij het leven. Stel je voor dat ik een stuk zou insturen naar een ‘serieuze krant’ met de titel ‘Probleem: trots op Nederland bij immigranten ontbreekt vaak’. Als het de schifting al zou halen, zou de kritiek niet van de lucht zijn. Te generaliserend, stigmatiserend, kort door de bocht, ‘waar baseert u dat op?’ - noem maar op.
Ervaringsdeskundige?
Maar mijn kop is niet slechter dan die van Doekle. Want heeft Doekle onderzoek gedaan voor hij zijn betoog opstelde? Nee, hij roept maar wat. Is hij dan ervaringsdeskundige? Nou, voor zover er zich al allochtonen onder zijn vrienden- en kennissenkring behoren, zullen dat ongetwijfeld goed geïntegreerde allochtonen zijn, een toplaagje.
Ook zal Doekle van huis (Friesland) uit niet in de prachtwijken komen waar de problemen zijn, en de ‘probleemallochtonen’ (en de enkele ‘probleemautochtonen’ die er nog wonen) zich bevinden. Het stuk is meer ‘de wens is de vader van de gedachte’ dan op feiten gebaseerd.
Ik kom zelf wel eens in die wijken. Er zijn inderdaad ook goede allochtonen en sommige dingen gaan goed. Maar er zijn ook zat problemen. Dat varieert van vandalisme tot intimidatie. En om nou te zeggen dat men met z’n allen reuze trots op Nederland is, nou nee, dat gevoel bespeur ik niet echt. Wat Hindoestanen met een portretje van onze koningin daargelaten.
Ook is het niet zo dat ‘de allochtonen’ allemaal goed door één deur kunnen, zoals Doekle lijkt te beweren. Dat is echt te generaliserend Doekle, foei! Ik zal je in dit verband een klein geheimpje verklappen: Mocro’s boteren niet zo met Anti’s, hindoes niet met creolen, over Turken en Koerden heb ik het maar even niet en ga zo maar door. Nog los van die vervelende, laatsten der Mohikanen in die wijken, die vermaledijde Hollanders.
Hart en trots
Er hangen in tijden van het EK overigens meer Turkse vlaggen dan die van Nederland in de straten. Ook de jongste kinderen, hier geboren, worden in het shirt van Turkije of Marokko gehesen. Nou hoeft dat wat mij betreft geen reuzeprobleem te zijn, maar het geeft wel een indicatie van waar het hart en de trots liggen.
Wat wél een probleem is, is dat een heel simpele vraag op een multicultureel portiek - om deze bijvoorbeeld niet als fietsenstalling en berging te gebruiken - al heel snel, laten we zeggen, uit de hand kan lopen. Dan laat je het maar verder en wordt het inderdaad onverschilligheid troef.
Zwartrijden
Ook opvallend in de grote steden: de overlast in het openbaar vervoer. Zwartrijden heeft inderdaad vaak een kleurtje. Zwartrijden zit achterin. Zwart rijden maakt lawaai en intimideert. Dan is er eens een controle en welke deur wordt dan stelselmatig niet bewaakt: de laatste natuurlijk. Zwartrijden kan vervolgens zonder problemen uitstappen.
Dat ergert de goedwillende reizigers. Volgens Terpstra moeten wij die zwartrijders aanspreken, althans dat maak ik op uit zijn stuk. Dat zal me een gezelligheid geven in de tram! Als je dat doet en wilt, heb je dus elke dag ruzie. Ik stel voor dat Doekle daarom eens een tijdje conducteur wordt of stadsmarinier. Misschien dat de lust tot het schrijven van schijnheilige prietpraat hem dan vergaat.
Volgende keer meer over de schellen voor de ogen en het antinationalisme van onze politieke elite.