Blog

Algemeen

De crisis verklaard: Overheidstekort

door Paul de Hen 21 jan 2009

Angela Merkel en Nicolas Sarkozy
Angela Merkel en Nicolas Sarkozy

Weet u nog, het Stabiliteits- en Groeipact? Toen de euro werd voorbereid was het een harde voorwaarde van Duitsland, en in Duits kielzog Nederland, dat de landen die de euro als munt zouden invoeren zich verplichtten om hun begrotingstekort en hun overheidsschuld binnen de perken te houden. Wie mee wil doen moet zonder meer aan eisen op dat terrein voldoen, maar het pact houdt in dat ook daarna strikte tekort- en schuldnormen gelden.

Versoepeld
Omdat de afspraken wel erg straf bleken zijn ze in 2005 versoepeld, maar de kern staat nog steeds. In normale tijden mag het overheidstekort van een land dat de euro voert niet hoger zijn dan 3 procent van het bruto binnenlands product (BBP). De Europese Commissie houdt de cijfers bij en corrigeert nationale opgaven als ze die niet deugdelijk vindt. De gezamenlijke ministers van Financiën van de eurolanden kunnen eisen stellen betreffende aanpak en tempo van de tekortreductie in een lidstaat.

Tot nu toe werkte dat redelijk goed. Er waren zeker landen die de 3 procent grens overschreden, maar het blok van de eurolanden als geheel had altijd een gezamenlijk overheidstekort gehad van minder dan 3 procent. Het gezamenlijke tekort over 2008 wordt door de Europese Commissie berekend op 1,7 procent van het BBP.

Interimprognose
Maar dat was in normale tijden.

Deze week publiceerde de Europese Commissie haar Interimprognose voor de economie van de lidstaten in het jaar 2009. Net als alle andere economische prognosemakers voorzien ook de economen van de Commissie een beroerd jaar, met krimp in plaats van groei in de meeste landen.

De gevolgen voor de overheidsbudgetten en schulden zijn kolossaal. In haar berekeningen is de Europese Commissie voorlopig genadig. Ze heeft de miljarden aan kapitaalinjecties in het bankwezen wel geboekt als toevoeging aan de overheidsschuld, maar niet als tekortvergrotende uitgaven. Hoewel de regeringen het geld voor die injecties op de kapitaalmarkt zullen moeten lenen, tegen rente. De nog veel omvangrijkere overheidsgaranties aan banken en verzekeraars worden evenmin als overheidsuitgaven beschouwd, tenzij er al vanwege gegeven garanties geld is uitgekeerd.

Door de norm
Zelfs met al deze aannames loopt de gezamenlijke schuld van de 16 landen in het eurogebied op van 68,7 procent van hun gezamenlijke BBP tot 75,8 procent. Het gezamenlijke overheidstekort schiet door de norm en komt op 4 procent.

Aan Nederland (verwacht tekort 1,4 procent) zal het niet liggen, maar van de grootste eurolanden bleef op het moment dat de prognose werd afgesloten, 13 januari, alleen Duitsland nog binnen de norm van 3 procent tekort.

Regels
Is dat erg?

Er is een juridisch antwoord, dat van de uitvoeringsregels voor het Stabiliteits- en Groeipact. De belangrijkste bepaling is dat er een uitzondering op de eis tot snelle tekortreductie kan worden gemaakt als er sprake is van een ernstige economische neergang. Zelfs als er geen krimp is maar een ongewoon lage groei is dat een geldige reden om een oplopend tekort te accepteren. Juridisch is er dus geen probleem met extreme tekorten als de economie instort.

Onvermijdelijk
Er is ook een economisch antwoord. Door overheidstekorten te laten oplopen wordt tegengegaan dat de economie nog meer in vrije val raakt. De overheid kan haar uitgaven op peil houden, dat leidt al tot veel grotere tekorten als de economie niet meer groeit, want een stagnerende economie levert minder belastinggeld op dan een groeiende. In het zicht van de ernstige ontregeling van de economie die nu gaande is hebben veel regeringen besloten om verder te gaan en hun uitgaven extra op te schroeven.

Of om belastingen te verlagen in de hoop dat het extra geld dat zo bij burgers of bedrijven beland leidt tot meer consumptie en investeringen.

Grotere tekorten zijn het gevolg.

Kwade keuzes
Er zijn dus alleen kwade keuzes: de economie stimuleren en een groter tekort aanvaarden, of het tekort beperkt houden maar accepteren dat de economie zich nog beroerder ontwikkelt. In de miserabele groeiprognoses van de Europese Commissie is het stimuleringsbeleid voor zover dat uiterlijk 13 januari was vastgesteld al verwerkt. Zonder dat beleid zou het dus, waarschijnlijk, erger zijn.

Een nog diepere recessie nu betekent meer faillissementen, massaontslagen en waarschijnlijk sociale ontreddering. Het kan jaren duren voordat de gevolgen teniet zijn gedaan.

Een groter overheidstekort nu brengt de noodzaak mee om later maatregelen te nemen om dat op te vangen. Oplopende inflatie is een puike methode, maar de Europese Centrale Bank is niet voor niets belast met de opdracht, inflatie tegen te gaan. De stijgende overheidsschuld door geldontwaarding bestrijden zit er dus niet in. Terecht, omdat inflatie ook ongewenste gevolgen heeft waaronder aangetaste pensioenrechten en weggevreten spaartegoeden.

Toch zullen de miljardenleningen ooit moeten worden afgelost. Niettemin is meer tekorten accepteren nu en later de last dragen de betere methode. Als de recessie gedempt blijft en snel gevolgd wordt door herstel komen er weer meer belastingopbrengsten binnen, waarmee de leningen kunnen worden afgelost.

Tags

zie ook

Eén reactie

  • Blijft prettig om te weten dat Nederland geld leent om "ontwikkelingshulp" te kunnen geven. Binnenkort hebben we het zelf nodig.

    Het was iets met een verhaal van iemand die ging luieren in tijden dat het goed ging. Iets met buffers aanleggen voor de momenten dat het niet goed ging. Iets met een huishouding voeren.

    Deze crisis is misschien niet iets waar Nederland iets aan had kunnen doen. Wat Nederland wel had kunnen doen, was geld opzij zetten. Maar daar dacht Bos niet aan.