Blog

Algemeen

De dood als het Zwarte Informatiegat

door Simon Rozendaal 6 apr 2009

Verzet tegen de dood is zinloos
Verzet tegen de dood is zinloos

Ik heb geen principiële bezwaren tegen de dood. In de eerste plaats omdat het geen zin heeft. Zo heb ik ook geen principiële bezwaren tegen de zwaartekracht.

Als student las ik natuurlijk Niemand is Onsterfelijk. Zouden er ook studenten bestaan die dat boek nog nooit hebben gelezen? Misschien wel. Studenten schijnen tegenwoordig alleen maar achter het internet te zitten en geen boeken meer te lezen. Zeggen ze. Gelukkig lezen mijn kinderen, beiden student in Leiden, wel boeken. Mijn zoon Jan, wiskundestudent, heeft onlangs zelfs uit pure literaire en intellectuele interesse de Bijbel gelezen! Mijn dochter Marte, studente Engels, raadt mij zelfs nieuwe auteurs aan (Mark Haddon bijvoorbeeld).

Uit Niemand is Onsterfelijk hield ik over dat we blij mogen zijn met de dood. Wat is het dodelijk saai om eeuwig te leven! Juist omdat de dood bestaat, is het leven prachtig, zo realiseerde ik mij als adolescent.

Verzet
Het heeft dus geen enkele zin om je tegen de dood te verzetten. Ik doe dat ook niet. Ik ben niet bang voor de dood, ik hoop dat hij nog een tijd lang niet in de gaten heeft dat ik naar Isfahan ben verhuisd, maar zelfs als hij dat ontdekt, kan ik daar vrede mee hebben.

Tegelijkertijd bewonder ik mensen die zich tegen de dood verzetten. Twee van de mensen die mij intellectueel sterk hebben geïnspireerd – net als ik werkzaam op het grensvlak van alfa en bèta maar veel getalenteerder dan ik (en dat zegt wat, want ik heb een ego van hier naar Tokio en weer terug zoals u al zult hebben gemerkt) – haten de dood.

Canetti
Ik ben een van de eerste lezers van Elias Canetti geweest, zo denk ik (net zoals ik nu, met dank aan een in Beijing opgedane vriend, een van de eerste Nederlandse lezers van Alexander McCall Smith ben). Ik ontdekte Canetti eind jaren zeventig, op aanraden van mijn collega Peter van Dijk, die het weer van een bevriende psychiater had. Canetti is een held. Ik heb zelfs ooit een hond naar hem vernoemd, ook omdat het een kleine hond was.

Een andere held, dichterbij en dus bereikbaarder, is Rudy Kousbroek. Hij was ooit mijn collega bij NRC Handelsblad en is voor mij het voorbeeld van wat ik zelf zou willen zijn – een intellectueel op het grensgebied van alfa, bèta en gamma, iemand met een scherp verstand en dito pen. Boeken als ‘Het Avondrood der Magiërs’ hebben mij diep beïnvloed – het consequente logische denken, de mooie zinnen, de leuke observaties (bukken in de auto als je onder een laag viaduct rijdt), het verzet tegen religie, metafysica en geleuter. Als u zich soms afvraagt waarom ik me zo afzet tegen broeikasgelul, tegen religie, tegen de verdwazing rond de kankerprik, dan moet u Kousbroek lezen.

Bewondering
Ik heb enkele prijzen gehad voor mijn schrijfsels en daar ben ik ook blij mee, al vind ik het volslagen terecht, maar misschien ben ik nog wel het blijst (raar woord trouwens) met het feit dat Kousbroek me een paar keer heeft genoemd in zijn stukken. We hebben elkaar één keer de hand geschud op een NRC-borrel. Ik liet blijken dat ik hem bewonderde, hij dat hij me kende en zo hoort het ook.

Die Kousbroek dus is aan het sterven. Afgelopen zaterdag werd hij geïnterviewd en geportretteerd in NRC Handelsblad. Daarin bleek hij weer, al stervend en treurend over zijn overleden dochter Hepzibah (die de tekeningen maakte in dat andere onvergetelijke boekje van hem,‘De Aaibaarheidsfactor’), mijn oude held. Ook hij verzet zich tegen de dood.

En voor het eerst lees ik een argument tegen de dood dat hout snijdt. ‘De vernietiging van informatie, die verspilling, is één van de grootste ellendes van sterfelijkheid.’ Absoluut! Simone de Beauvoir had gelijk toen ze opmerkte dat juist door de dood het leven mooi wordt maar het is natuurlijk waar wat Rudy Kousbroek stelt, dat het dood- en doodzonde is dat al die kennis, die wijsheid, die levenservaring, die mooie, eigen uitspraken en gezegdes straks verdwijnen.

Maar u, waarde Kousbroek, gaat in mijn hoofd nooit dood. U bent onsterfelijk. In elk geval zolang als ik leef.

zie ook

17 reacties

  • Simon!
    Zou je niet het meest blij moeten zijn met de terugkeer naar de grote harde schijf van het hiernamaals?

  • Ik zou het mooi vinden, als iemand zoiets over mij zou schrijven, als ik stervende was..
    Een prettige, geruststellende dood lijkt me

  • Het mooie van de dood is dat er met veel doden "gelukkig" ook veel onzin verloren gaat.

    Vandaag is de wereld besmet met "onzin" en word er zonder kritiek achter "onzin" aangelopen.

    De dood is prachtig, en zonder onzin" als het een overgang betreft naar een toekomst onvergelijkbaar met dit aarde leven.

    De dood is een stuk ellende als deze intreed vol van zogenaamde bewezen "onzin".

    Ja, dit korte leven op deze kloot is vol tegen stellingen die "bijna" allemaal uitlopen op die ellende.

    Ik hoop dat jou zoon iets tegenkomt in de Bijbel wat hem aanspreekt en ontroerd dat kun je het gezegde "puur literair" als ongewenst geschreven beschouwen.


  • Alle kennis en ervaring komen in een collectief onbewuste, dat alle mensen met elkaar verbindt, en gaan dus niet verloren, maar vormen met de bewust toegankelijke kennis en nieuw te verwerven kennis (bijv. door onderzoek) en ervaring de basis voor verdere ontwikkeling. Het zijn alleen de bewuste kennis en ervaring van het gestorven individu die verloren gaan. Dat schept weer ruimte voor nieuwe 'autoriteiten' op het betreffende gebied. Als mensheid gaan we erop vooruit.

  • De (enige) complicatie is wellicht dat de dood beschouwd wordt met de perceptie van de levenden. Met die gedachte in mijn voorhoofd koester ik Everett's gedachte van de oneindige mogelijkheden in een multiversum.