Pas goed op met kritiek op een serveerster
Soms zeggen mensen van buiten de Grote Stad Amsterdam wel eens over de bediening in de plaatselijke horeca dat je daar een boek over kunt schrijven. Zo slecht.
Nu lijkt een boek me wat veel. Maar een blog, dat kan wel. Ik weet dat het geen origineel onderwerp is, maar soms kom je toch iets tegen waarvan je zegt: oei.
Ik ben zelf al helemaal getraind en begroet het bedienend personeel uitgebreid voor ik iets bestel. Dat ze niet denken dat ik ze minder acht of zo.
Witte banken
Onlangs zat ik met wat vrienden in het net geopende, zeer centraal gelegen café-restaurant Stanislavski. Witte banken, houten tafels, beetje lounge-y zeg maar. Niet heel erg veel tafels trouwens.
We waren met z’n vieren en kregen een middelmatig bord warm eten. Maar goed, het gesprek was leuk. Halverwege de avond schoven twee vrienden aan die een glas wijn bestelden. Ze wachtten. En wachtten en wachtten.
Na een half uur – de bar was ongeveer zes passen van onze tafel verwijderd – zei één van hen tegen het bedienende meisje dat het wel wat lang duurde. Dat gaf ze toe, maar ‘het is druk’.
Watten
Druk? We zagen het niet, maar willen ze in een restaurant dan liever dat het heel stil is? Zodat je die ene tafel met klanten eens heel, heel goed in de watten kunt leggen? Eén ober de man, zeg maar? Dacht het niet.
Na nogmaals tien minuten was ons geduld op en iemand zei tegen het meisje dat dat glas wijn er nu snel moest komen – als ze het tenminste kón, inschenken. Ja, beetje bot.
Het meisje verschoot van kleur, smeet twee glazen wijn klotsend op tafel en verscheen na tien minuten om even iets tegen ons te zeggen.
Onbeschoft
Dat wat ze net te horen had gekregen, nou, dat was gewoon té erg, zo onbeschoft, en het was gewoon zó druk, en zij kon er ook niks aan doen, en het was zo erg, en ze zat er enorm mee, en ze was kortom beledigd tot haar tenen.
Wij konden moeilijk anders dan een posttraumatisch stressyndroom voorkomen door haar te verzekeren dat ze een geboren serveerster was, dat we way out of line waren geweest, dat zij het allemaal heel goed deed, en het echt ongepast was om na veertig minuten wachten op een glas wijn daar iets van te durven zeggen.
Oh la la, wat moest er verbaal geaaid worden om dit kwetsbare wezen weer een beetje op de rails te krijgen. Ach, zei een van ons, het was maar beter dat ze haar hart luchtte. Anders zat je de rest van de avond met een chagrijnige serveerster. Ja, zo kun je er ook naar kijken.
Asbakken
Dit was nu duidelijk een voorbeeld van een meisje dat nooit iets kritisch over zichzelf had gehoord. Je kon je goed voorstellen dat ze als kind naar huis ging met een lading monsterlijke tekeningen en lompe zelfgekleide asbakken, en dat haar ouders haar dan de hemel in prezen.
Dat ze op muziekuitvoeringen keihard een stuk wegblies op haar blokfluit en haar ouders haar al in het Concertgebouworkest zagen zitten.
Dus ja, dan is het wel even slikken als je van dat serveren dus werkelijk geen ene moer terecht brengt en er mensen zijn die er nog wat van durven zeggen ook. Kritiek is niet fijn en ook ik heb het liefst dat de mensen hun eventuele bezwaren achter mijn rug uitspreken zodat ik er geen last van heb. Maar je moet in het leven wel leren ertegen te kunnen.