door
Arendo Joustra
27 okt 2010
Als de Kamer wil dat het staatshoofd geen rol meer speelt in de formatie, is dat makkelijk te regelen
Het voorstel van Geert Wilders van de PVV om koningin Beatrix uit de regering te zetten, is geen oplossing voor zijn probleem
Met zijn plan om Beatrix te verbannen, wil Wilders voorkomen dat de Koningin zich voortaan nog kan bemoeien met de kabinetsformatie. Haar leiding bij dit proces is hem de afgelopen maanden namelijk slecht bevallen.
Teentjes
Door onder meer onhandige uitlatingen van twee informateurs, Ruud Lubbers en Herman Tjeenk Willink, is de indruk ontstaan dat het staatshoofd weinig voelde voor een minderheidskabinet met gedoogsteun van de PVV. Of dat inderdaad haar opvatting is, is onbekend. In elk geval ziet Wilders, altijd snel op zijn teentjes getrapt, in Beatrix een tegenstander.
Echter, haar bemoeienis met de formatie komt niet voort uit het feit dat ze lid is van de regering. Ze geeft leiding aan de formatie in haar rol als staatshoofd. En dat blijft ze, ook als ze geen lid meer zou zijn van de regering.
Lastige taak
Als Wilders en de rest van de Tweede Kamer echt vinden dat de Koningin zich niet langer moet bemoeien met de formatie, is er een veel snellere weg dan via een wijziging van de Grondwet de koningin het lidmaatschap van de regering te ontnemen.
Niets weerhoudt de Tweede Kamer ervan zelf de formatie in handen te nemen. Geen wet die zich daartegen verzet. Probleem is echter dat de politici weglopen voor deze verantwoordelijkheid en maar al te blij zijn dat het staatshoofd de lastige taak op zich neemt om de formatie in goede banen te leiden.