door
Marike Stellinga
29 mrt 2010
De volgende regering moet niet aan de hypotheekrenteaftrek morrelen
Hypotheekrenteaftrek afschaffen omdat de overheid in geldproblemen zit, is een extreem slecht idee
Op 9 juni kunnen stemgerechtigden in elk geval op één punt echt kiezen: de hypotheekrenteaftrek, moet die blijven zoals die is, of niet? CDA, VVD en PVV vinden van wel. SP, GroenLinks, D66 en de PvdA vinden van niet.
De hypotheekrenteaftrek ligt al decennia onder vuur: de aftrek moedigt mensen aan hoge schulden aan te gaan en zou de prijzen van huizen opdrijven. Vandaar ook dat voorgaande kabinetten de aftrek geleidelijk hebben beperkt.
Subsidiëren
In een ideale wereld zou de overheid hypotheekschuld minder subsidiëren en tegelijkertijd werken veel minder zwaar belasten.
Werken zou niet moeten worden afgestraft met hoge belastingen, maar beloond met lage. Dat zou de bedrijvigheid vleugels geven.
Profiteren
Maar de aftrek beperken of afschaffen omdat de overheid in geldproblemen zit, is een extreem slecht idee. Want dat gaat louter leiden tot een explosief hogere belastingdruk op iedereen met een huis en een hypotheek, maar vooral op mensen die meer verdienen dan 54.000 euro.
Mensen met dit inkomen betalen immers 52 procent belasting over alles wat ze meer verdienen en profiteren zo het meest van de aftrek.
Sigaretten
Het toptarief in Nederland behoort al tot de top-3 hoogste belastingtarieven ter wereld en begint ook nog eens bij een opvallend laag salaris, internationaal vergeleken.
Die hoge belastingdruk ontmoedigt mensen om meer te werken, promotie te maken en meer te verdienen, net als de hoge belastingen op sigaretten het roken ontmoedigt.
Excuus
Het beperken of afschaffen van de hypotheekrenteaftrek is dan ook een prachtig excuus van politici om niet te hoeven snijden in het vlees van de overheid.
Gewoon nog wat meer geld afpakken van werkende burgers, waarom niet? Daarom: handen af van de aftrek, probeer het geld maar elders te vinden.