door
Marlou Visser
27 jul 2010
WikiLeaks-directeur Julien Assange, met de Guardian waarin over de gelekte documenten wordt bericht
Een nagelaten bekentenis: ooit was ik wat ik volgens menig lezer van deze rubriek maar veel beter had kunnen blijven: een kleine ambtenaar van de Nederlandse buitenlandse dienst.
Ik moest aan die episode denken toen deze week een lek aan het licht kwam. Dit keer geen olie, maar een bron van 92.000 vertrouwelijke documenten over de oorlog in Afghanistan.
Vertrouwelijk of geheim
Een werkkring bij Buitenlandse Zaken leert dat lang niet alles wat als vertrouwelijk of zelfs geheim wordt geclassificeerd ook vertrouwelijk of geheim is.
Om meer de aandacht te trekken in Den Haag verzonden mijn superieuren op de posten soms berichten per code over de gezondheidstoestand van hun echtgenote of de benoeming van een nieuwe partijsecretaris van de christen-democraten in het land hunner vestiging, ook al had die in alle internationale kranten gestaan.
Pelikanen
Jaap de Hoop Scheffer (CDA), een man met een groot gevoel voor humor, toonde, toen hij nog secretaris van de minister van Buitenlandse Zaken was, eens een verhitte telegramwisseling tussen het ministerie en de Nederlandse ambassade in Boekarest.
Daar had een wanhopige Nederlandse dierenhandelaar 48 pelikanen in de tuin van de ambassade losgelaten. De uitgehongerde vogelbeesten vraten langzaam het archief op. De ambassadeur stuurde een reeks steeds klemmender verzoeken om instructie: 'hoe in deze te handelen ware, aangezien deze ambassade terzake van pelikanen niet bevoegd.' En dat alles in, per definitie, geheime codes.
Das war einmal, maar nu weer over naar de wereld van vandaag.
Vietnam
In het internettijdschrift Slate betoogt Fred Kaplan dat de lekkage veroorzaakt door de publicatie op WikiLeaks in geen vergelijk staat met de schade die de Pentagon Papers destijds hebben aangebracht.
Die laatste toonde aan dat de oorlog in Vietnam feitelijk één grote leugen was. De Wikileaks daarentegen vertellen ons in essentie niets wat wij nog niet wisten of wilden weten. Zelfs niet over de diepgang van het probleem.
Grimmig beeld
Volgens Kaplan geeft het ongeclassificeerde rapport van het ministerie van Defensie uit april 2010 een nog aanzienlijk grimmiger beeld van de oorlog dan die Wikileaks doen. De reportages uit Afghanistan van de 'New York Times' en 'The Guardian' (die samen met het Duitse weekblad 'Der Spiegel' het recht op voorpublicatie hadden) zouden een beduidend barser beeld van de werkelijkheid hebben gegeven dan de WikiLeaks.
De Pentagon Papers (4.100 pagina's) vormden een afgeronde studie. De WikiLeaks zijn eerder een Bibelebontse berg van ongeordende documenten zonder duidelijke hiërachie.