Kabinet-Rutte is een jaar aan de macht
Het kabinet-Rutte is één jaar aan de macht. Moord en brand werd er geschreeuwd bij de oprichting van dit kabinet. 'Bruin I' werd het genoemd. De nazi's kwamen aan de macht.
Thomas von der Dunk, de welbespraakte dorpsgek van Nederland, veroordeelde in zware morele bewoordingen alle columnisten die zich niet hadden gekeerd tegen de oprichting van dit duistere kabinet. Ook sommige serieuze intellectuelen hadden zorgen bij de totstandkoming van dit kabinet.
Saai
Nu zijn we een jaar verder. Rutte I blijkt een normaal kabinet te zijn: saai en heel gewoon. De SS heb ik nog niet gezien. Ook de waarschuwing dat het internationale aanzien van Nederland naar de knoppen zou gaan, werd niet bewaarheid. We doen mee aan Kunduz, en in Europa wordt Nederland meer dan ooit serieus genomen. Juist doordat Nederland zo sceptisch is over de redding van Griekenland.
Het is een saai kabinet: geen ruzie, geen onderlinge conflicten. Het kabinet, de ministerraad - ze werken als een geoliede machine. Moeiteloos nemen ze de besluiten die in deze tijd buitengewoon noodzakelijk zijn.
De ministers kunnen het goed met elkaar vinden. En premier Mark Rutte is nog steeds populair bij de bevolking. Zelfs linkse commentatoren vinden hem een verademing in vergelijking met zijn voorganger Jan Peter Balkenende.
Gedoger
Het blijft een minderheidskabinet. Zonder de PVV van Geert Wilders zou dit kabinet niet tot stand zijn gekomen. Wilders ontpopte zich, als gedoger, tot een betrouwbare partner. Maar sinds de laatste Algemene Beschouwingen begint hij zich als een oppositieleider te gedragen. Dat is verwarrend en vreemd, omdat zonder hem dit kabinet niet zou kunnen bestaan.
Door de druk van de PVV en van een deel van het CDA voert dit kabinet een sociaal beleid dat niet erg afwijkt van andere kabinetten. Natuurlijk is het vanwege de schuldencrisis nu anders: hier en daar wordt pijnlijk bezuinigd. Toch is ook dit kabinet hoeder van de verzorgingsstaat. Ook in dat opzicht is het heel saai.
Geert Mak
De schrijver Geert Mak vroeg in de Duitse pers aan Europese landen om zich te verzetten tegen het Nederlandse kabinet. Er gebeurde niets; we moeten niet denken dat politici en intellectuelen in Europa hersenloze figuren zijn. Ja, Geert - en dan bedoel ik Geert Mak -, niemand geloofde je verhaal over de fascistische aard van dit kabinet.
We hebben wel een ander probleem. Een ernstig probleem. Als zich ooit een werkelijk gevaar aandient - waartegen we wel zouden moeten protesteren - worden we als Nederlanders niet serieus genomen. Dankzij de verzetslieden uit een nog niet uitgebroken oorlog.
Afgesproken
Het blijft een minderheidskabinet. Geert Wilders is slechts gehouden aan wat hij in het gedoogakkoord heeft afgesproken. Hij tekende niet voor hulp aan Griekenland en niet voor de missie in Kunduz. Toch wist Rutte in het parlement een meerderheid achter zijn plannen te krijgen. Is dat erg? Integendeel, het is zelfs goed voor onze democratie.
Het kabinet moet met iedereen, dus ook met de oppositie, in alle openheid zakendoen. Voor het verhogen van de pensioenleeftijd deed het kabinet een beroep op Job Cohen. Is dit alleen nuttig voor het kabinet? Nee, ook de serieuze oppositie kan juist via onderhandelingen over beleid waarvoor geen meerderheid bestaat, de belangen van de linkse kiezer behartigen. Dat zou nooit kunnen bij een meerderheidskabinet. Dan zouden zonder overleg met de oppositie allerlei plannen worden bedacht.
Onderbouwing
Een meerderheidskabinet leunde altijd op achterkamertjespolitiek tussen de coalitiegenoten. Hiervan zijn we voorlopig verlost. De politiek is veel transparanter dan voorheen. Doordat de oppositie mag meepraten en -beslissen, krijgen sommige regeringsbesluiten een groot draagvlak.
Uit democratisch oogpunt is een minderheidskabinet aantrekkelijker dan een kabinet dat voor alle plannen op een meerderheid kan rekenen. Een minderheidskabinet dwingt alle partijen om bij het afwijzen van of instemmen met een plan, met meer argumenten te komen. Hoe meer argumenten, hoe beter de democratie functioneert.
Grenzen
Ook de burger heeft baat bij dit minderheidskabinet. De politieke grenzen worden duidelijker doordat dit kabinet af en toe door de oppositie wordt gesteund. De partijen zijn daardoor nauwelijks in staat om de burgers verkeerd in te lichten over hun motieven en doelen.
U weet nu precies wie de eurofielen zijn en wat de financiële gevolgen van hun opstelling kunnen zijn. Dit soort politieke duidelijkheid is toch aantrekkelijker dan achterkamertjespolitiek?
Hoe lang nog? Dat is afhankelijk van één persoon: Geert Wilders. Tot nu toe durfde hij zich te onderscheiden van de SP, de eeuwige oppositiepartij. Wilders vluchtte niet voor het nemen van verantwoordelijkheid. En dat is niets anders dan compromisbereidheid.