door
Paul Lieben
19 okt 2011
De relatie tussen Nederland en de Nederlandse antillen deugt niet
Er zijn twee opties voor de voormalige Nederlandse Antillen: of ze worden echt onafhankelijk, of ze worden (weer) een echte kolonie. De tussenweg die Nederland al decennia bewandelt, leidt nergens toe - anders dan tot continue frustratie, toenemende irritaties en onduidelijke zeggenschap.
Na een eerder onderzoek onder leiding van Paul Rosenmöller, is nu een memo (pdf) uitgelekt over de handel en wandel van de Curaçaose premier Schotte en zijn ministers. Hieruit rijst een beeld van nepotisme, banden met criminelen en andere onrechtmatigheden.
Pubers
Nederlandse fractievoorzitters op werkbezoek in Curaçao roepen nu op tot verder onderzoek en lezen het parlement aldaar de les. Maar dat roept alleen maar meer irritatie - zoniet agressie - op. In het onderzoek en de memo staat volgens de lokale parlementariërs slechts roddel en achterklap. Een normaal parlement wil dan verder onderzoek, maar dat van Curaçao lijkt dat niet te zijn en dus niet te willen.
De relatie deugt in de kern al niet. Ik heb de Antillen jaren geleden al eens omschreven als overjarige pubers, die maar in het ouderlijk huis willen blijven wonen, maar zich niet aan de huisregels wensen te houden. Die toch al onevenwichtige verhouding is eerder verslechterd dan verbeterd.
Grabbelton
De Nederlandse polderpolitiek helpt hierbij niets. We willen wel macht, maar het mag niet zo heten. Ruzies gaan we het liefst uit de weg. Enkele jaren geleden is als toppunt een soort bestuurlijke grabbelton gepresenteerd, waarbij elk eiland zelf mocht besluiten hoe het ongeveer bestuurd wil worden. Zo ontstaat een lappendeken van bestuurlijke onevenwichtigheid en onduidelijke verantwoordelijkheden.
Eerder werd in de jaren vijftig al een maf statuut opgeteld, waardoor de Nederlandse Antillen zogenaamd officieel op gelijke voet met Nederland kwamen te staan. Dat is in de officieuze, dagelijkse praktijk natuurlijk niet zo - al is het alleen maar omdat omvang, economie en inwonertal nogal verschillen.
Angst
Mijn voorkeur zou uitgaan naar totale onafhankelijkheid, want dit soort koloniale banden zijn niet meer van deze tijd. De angst zit hem in de mogelijke chaos die dan zal ontstaan. Die is niet ondenkbaar, gezien de bestuurscultuur op een eiland als Curaçao.
Daarnaast is de economische basis van de eilanden nogal smal, zeker als ze weinig willen samenwerken en elkaar onderling niet kunnen luchten of zien - en dat is zeker het geval. De Verenigde Staten willen rust in de achtertuin, en zien daarom graag dat Nederland een vinger in de pap houdt.
Als we per se een band met de eilanden willen houden, moeten we naar het Franse model. Daarbij zijn de overzeese gebieden juridisch, politiek en staatsrechtelijk echt Frankrijk in het klein, en hangen ze er niet vrijblijvend bij. Misschien is dat (op korte termijn) duurder, maar goedkoop is duurkoop in de betonrotte relatie tussen Nederland en de voormalige Nederlandse Antillen.