Blog

Algemeen

Slap geneuzel is passé in de Europese Unie

door Carla Joosten 8 nov 2011

Minister De Jager
Minister De Jager

Het is afgelopen met het slappe gepraat in Europa. Zoals Europese politici elkaar vandaag de dag de waarheid zeggen, is revolutionair. Heel wat anders dan de bezweringen over de Europese samenwerking, die decennialang klonken.

Europarlementariërs Bas Eickhout (GroenLinks) en Thijs Berman (PvdA) reageerden zelfs verstoord, nadat CDA-minister Jan Kees de Jager (Financiën) maandag had gezegd dat de Grieken 'het feestje van hervormingen niet mogen verstieren'. Zieke humor, concludeerde Eickhout en Berman vond het ‘bot en ongepast’.

Euroschip
Maar de crisis in de eurozone noopt tot helderheid en biedt geen tijd voor geneuzel. Het gaat er nu om het zinkende euroschip te redden, of opvarenden overboord te zetten. Geen enkel scenario is meer taboe.

De ministers van Financiën van de eurolanden geloven de Grieken niet langer en eisen dat ook de oppositie in Athene de opgelegde hervormingsplannen onderschrijft - zwart op wit. Immers: straks is er een nieuwe regering en dan begint de ellende weer van voor af aan. De Griekse oppositie heeft inmiddels al beledigd gereageerd op zoveel wantrouwen.

Huishouden
Italië kreeg het Internationaal Monetair Fonds (IMF) op zijn dak. Een IMF-team gaat controleren of de Italianen doen wat ze vorige week in Cannes hebben beloofd, namelijk hun huishouden op orde brengen. De Europese Commissie was al met een team in Rome omdat Italië allang in de zogenoemde 'buitensporige tekortprocedure’ zit.

Eurocommissaris Olli Rehn (Economische en Financiële Zaken) heeft de Italiaanse minister van Financiën veertig vragen gesteld over hoe hij dat gaat doen. Graag snel te beantwoorden.

Onbetaalbaar
Italië blijft - met of zonder Silvio Berlusconi, dat maakt niet eens meer uit - nog maar net solvabel. En dat alleen maar dankzij de steeds aarzelender steunaankopen van schatkistpapier door de Europese Centrale Bank (ECB). De oplopende rente die Italië voor herfinanciering van zijn schulden moet neertellen, dreigt onbetaalbaar te worden.

Het noodfonds EFSF, dat de rol als opkoper van staatspapieren van de ECB zou moeten overnemen, heeft nog geen enkele obligatie van een zwak euroland aangeschaft. Volgens EFSF-baas Klaus Regling omdat nu alle energie wordt gericht op het opkrikken van het fonds van 440 miljard, naar minstens duizend miljard euro.

Dit gehocus-pocus – wel meer geld in het fonds, maar zonder dat de eurolanden hun garanties verhogen – komt kennelijk niet betrouwbaar over bij de financiers die hier in zouden moeten stappen. De ministers van Financiën van de eurolanden hebben er in Brussel niet veel woorden meer aan vuil gemaakt.

CIF
Opvallend: in een verspreide mededeling van het EFSF zijn de zogenoemde ‘special purpose vehicles’ die eerder nog deel uit maakten van de noodfondsconstructie opeens verdwenen. Nu is sprake van CIF. En nee, dit is geen schoonmaakmiddel, maar een Co-Investment Funds. Dat u het weet. U mag meefinancieren. Zo niet, dan verzinnen we wel weer een nieuwe naam.

De Europese politici lijken zelfs steeds minder te geloven in het ingewikkelde gedoe om zwakke landen te redden. Maandag lag alweer een nieuwe optie op tafel: steun verlenen via de Europese Investerings Bank. Maar of die hiervoor bedoeld is?

Urgentie
Er is eigenlijk maar een remedie, hoor je in Brussel steeds meer: de landen zullen toch vooral zelf moeten hervormen en bezuinigen.

Maar het politiek gemarchandeer en getreuzel in zowel Griekenland als Italië doet vrezen dat de urgentie ter plekke nog niet zo wordt gevoeld.

Kennelijk zijn De Jager c.s. nog niet bot genoeg.

Tags

zie ook

32 reacties

  • De linkse vrienden met hun commentaar willen ons geld wel blijven uitgeven of het nu gelukszoekers of criminele landen zijn. Het komt toch uitandermans zak.

  • We zijn nu getuige van de finale acte van de euro.
    Ik schat nog een maand of 2-3. Eerst nog even pappen en nathouden. Maar ik zie geen herhaling komen van Griekenland. IMF trapt er niet in.
    Italië zal nimmer gered worden door de Duitsers. Daar is geen enkele steun voor te vinden. En dan is het schluss.
    Het is te hopen dat het snel gebeurt. Hoe sneller, hoe minder rampzalig. Maar het blijft natuurlijk een ramp. Met dank aan Schroder en Chirac.

  • Het wordt hoogtijd dat het noodfonds zo snel mogelijk onder het IMF geplaatst wordt en dat de opkomende landen meer invloed krijgen.

    De Europese politici hebben in de afgelopen 1,5 - 2 jaar al meer dan genoeg schade veroorzaakt.

    Het IMF heeft in de afgelopen 50 jaar al meer dan genoeg aangetoond dat men in staat is om dit soort crisissen de kop in te drukken (binnen 1 jaar).

    In dat geval kunnen de zwakkere landen van de sterkere landen scheiden worden en kan het economisch herstel in de sterkere landen verder gaan. De zwakkere landen volgen dan een aantal jaren later.

    Europa kan in dit geval een voorbeeld aan Turkije nemen. Turkije was 10 - 12 jaar geleden ook in de problemen gekomen, maar met de hulp van het IMF draait het land inmiddels zeer goed en een aantal jaren geleden heeft men de laatste lening bij het IMF afbetaald.

  • Dat het geneuzel passé is lijkt me wat optimistisch. De garanties gaan niet verder dan wat papieren verklaringen van de Grieken. Volgens mij hebben ze indertijd ook op papier "bewezen" de Euro waardig te zijn. We weten allemaal wat dat waard is geweest.

  • Slap geneuzel passé? Waar blijven dan de berekeningen van de verschillende scenarios? Wat kost het als Griekenland de eurozone verlaat en wat bespaart het aan steunkosten? Hoeveel steun heeft Italië nodig en welke hervormingen die de zaak rechtrekken staan daar tegenover?
    Als het noodfonds voor Griekenland doorgaat hoeveel blijft er dan over voor steun aan Italië, Spanje en Portugal? Als het noodfonds niet doorgaat, hoeveel is er dan echt, niet virtueel, beschikbaar?
    Griekenland is peanuts met 2% GDP, Italiës GDP is 7 maal groter. Ophouden met de ongefundeerde paniekverhalen dat Griekenlands faillissement catastrofaal zou zijn en kom met een redelijke prognose ervan of geef toe dat men er geen moer van kan zeggen.