door
Jean Dohmen
21 nov 2011
In Amsterdam, Den Haag en Rotterdam lag het openbaar vervoer zondag plat
De vakbonden van het openbaar vervoer voeren actie voor het behoud van banen, maar pleiten daarmee voor geldverspilling. Reizigers zijn het slachtoffer van de stakingen
De vakbonden gaan maar door met burgers pesten. Ze willen het openbaar vervoer in december opnieuw platleggen.
Al vijf keer eerder legden stakende buschauffeurs en tram- en metrobestuurders het openbaar vervoer plat. Afgelopen zondag was het opnieuw raak: in de grote steden werden 770.000 reizigers getroffen door alweer een staking.
Zuiniger
De stakingen zijn gericht tegen het kabinet, dat het openbaar vervoer in de grote steden openbaar wil aanbesteden. Dat kost te veel geld en is niet efficiënt genoeg. Het is juist goed dat er zuiniger met gemeenschapsgeld wordt omgesprongen.
In andere delen van het land zijn bovendien positieve ervaringen opgedaan met het aanbesteden van het openbaar vervoer. Er is geen reden om aan te nemen dat zo'n aanpak in de grote steden niet zou werken.
Geldverspilling
De vakbonden hebben met hun acties maar één doel: het verlies aan banen voorkomen. Een efficiënter openbaar vervoer kan namelijk met minder personeel toe, bijvoorbeeld doordat het mes wordt gezet in onrendabele lijnen.
Daar kan geen zinnig mens tegen zijn. Het openbaar vervoer is geen werkverschaffing. Het is een nuttige, maar tegelijkertijd kostbare voorziening, die door de overheid terecht tegen het licht wordt gehouden.
Goed beschouwd voeren de bonden actie voor geldverspilling. En het slachtoffer van hun stakingen zijn de reizigers die part noch deel hebben aan dit conflict. Dat is asociaal.