Leden van Sharia4belgium verstoorden een debat over liberale islam
De vrijheid van meningsuiting staat de facto regelmatig onder druk. Het verstoren van een debat tussen Irshad Manji en GroenLinks-Kamerlid Tofik Dibi door pressiegroepen is hiervan een voorbeeld. De desbetreffende salafistische groepering verstoorde al eens een debat over islam en democratie bij de TU Delft.
Wat zouden de salafisten doen als het land voornamelijk uit mede-salafistien zou bestaan? Ze zouden niet alleen verstoren, maar ook geweld gebruiken. Zijn ze ongevaarlijk? Verstoren ze debatten slechts om een dreigend klimaat te scheppen rond het islamdebat?
Kalasjnikov
Elsevier.nl meldt dat de Belgische politie tijdens een huiszoeking bij een lid van de extremistische beweging Sharia4Belgium een kalasjnikov heeft gevonden.
Volgens de politie gaat het om een 'zeer ernstig feit'. De man had het wapen te koop aangeboden op een website. Het parket en politie willen de beweging nu beter in de gaten houden.
Fascinatie
In deze groep zit kennelijk iemand met een fascinatie voor vuurwapens. Dat is natuurlijk zeer ernstig. Maar hoe zit het juridisch gezien met de vrijheid van meningsuiting?
Morgen verschijnt bij Boom Juridische Uitgevers een bundel met artikelen over de vrijheid van meningsuiting: ‘Mag ik dit zeggen? Beschouwingen over vrijheid van meningsuiting’.
In de bundel schrijven prominente juristen en rechtsfilosofen over de stand van zaken rond de vrijheid van meningsuiting. Alle relevante strafrechtelijke bepalingen uit het Wetboek van Strafrecht worden besproken. Ook wordt de nationale en Europese jurisprudentie rond de vrijheid van meningsuiting uitputtend behandeld.
Theo van Gogh
De titel van deze bundel is ontleend aan een column van Theo van Gogh, geschreven in maart 2004, enkele maanden voordat hij werd vermoord.
‘Mag ik dit zeggen?’ Volgens het recht - gelet op de laatste uitspraak van Amsterdamse rechter in de zaak rond Geert Wilders en een eerdere uitspraak van de Hoge Raad - hoeven de deelnemers aan het islamdebat het recht niet te vrezen, zolang ze geen gewelddadige en opruiende uitspraken doen.
Het boek over de vrijheid van meningsuiting wordt geopend met een artikel van een journalist. Kustaw Bessems schreef in dagblad De Pers een indrukwekkend essay over de vrijheid van meningsuiting: ‘De vrijheid om weerzin te wekken’.
Mix
Terecht heeft de redactie van de bundel besloten om dit essay van een niet-jurist een prominente plek te geven. Bessems’ essay is een mix van persoonlijke getuigenis en intellectuele beschouwing. Ik raad iedereen aan dit essay te lezen. Een prachtig essay op het gebied van vrijheid van meningsuiting - nu al bijna klassiek.
De tijden veranderen. Gelukkig maar. Ooit hadden we een minister van Justitie die na de moord op Theo van Gogh opriep om, ter voorkoming van terroristische aanslagen, de strafbare bepaling aangaande godslastering actiever toe te assen.
Dus de vrijheid werd van de ene kant bedreigd door moslimterroristen, en van de andere kant door een minister. Ik kon en kan het nog steeds niet geloven.
Belonen
Onbewust wilde de minister de moslimterroristen belonen voor de moord op Theo van Gogh. Maar gelukkig was een meerderheid in de Kamer en binnen de rechtswetenschap het niet eens met de minister.
Eén jurist was het wel met de minister eens: Ybo Buruma. Bij zijn vertrek naar de Hoge Raad beloofde hij dat hij zich niet met vrijheid van meningsuiting zal bemoeien. We moeten hem aan zijn belofte houden.
Andersdenkenden
De tijden veranderen. Morgen neemt de liberale minister van Justitie Ivo Opstelten het boek over de vrijheid van meningsuiting in ontvangst. Van deze minister en deze regering hebben de andersdenkenden niets te vrezen.
Het is te hopen dat deze positieve verandering zich verder gaat ontwikkelen en leidt tot het herformuleren van opiniedelicten. Ze zijn niet van deze tijd en vaak een bron van onrust. Het strafrecht dient de rechtsvrede en moet juist geen onrust zaaien.
Mag ik dit zeggen? De facto soms niet, de jure wel.
Radicale moslims verstoren islam-lezing in Amsterdam