door
Carla Joosten
3 feb 2011
Ashton mag niet op eigen gezag buitenlands EU-beleid bepalen
De ontwikkelingen in Noord-Afrika leggen weer eens bloot hoe de Europese Unie ook in het buitenlands beleid worstelt met zichzelf. Terwijl in Tunesië en Egypte de bevolking in opstand kwam, zweeg de unie.
In vijftien jaar had Europa geprobeerd om de democratie te bevorderen door alleen al in Egypte drie miljard euro te pompen en nu het moment daar was, was de Europese Unie in geen velden of wegen te bekennen.
Veel frustratie
Geen adviezen aan heersers om af te treden, maar voorzichtige oproepen om de kalmte bewaren. En dat terwijl de unie sinds kort een vertegenwoordiger heeft die de 27 landen met een stem moet laten spreken in het buitenland.
In het Europees Parlement is veel frustratie over de totale afwezigheid van Europa op het internationale toneel. Een meerderheid vindt dat Catherine Ashton, de hoge buitenlandvertegenwoordiger van de unie, als een echte minister van Buitenlandse Zaken moet optreden. De Duitse liberaal Alexander graaf Lambsdorff noemde haar woensdag in het Parlement nog letterlijk 'minister van Buitenlandse Zaken'.
Maar dat is Ashton niet. Ze heeft niet voor niets de weinig aansprekende titel 'hoge vertegenwoordiger van de unie voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid'. Dat bekt helaas heel wat lastiger dan minister.
Mandaat
Ashton heeft ook niet het mandaat om op eigen gezag de Europese visie op buitenlandse ontwikkelingen te bepalen. Het Verdrag van Lissabon bepaalt dat ze dat doet in overleg met de lidstaten. Op eigen houtje de Egyptische president Mubarak tot vertrek manen, zoals Ashton volgens de europarlementariërs Guy Verhofstadt en Daniel Cohn Bendit had moeten doen, kan helemaal niet. Een dergelijke boodschap hoort in samenspraak met de hoofdsteden van de unie tot stand te komen en dat vergt tijd.
Het is treurig voor aanhangers van een Verenigde Staten van Europa, zoals Verhofstadt. Die moest aanzien hoe de regeringsleiders van het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk een gezamenlijke verklaring over Egypte uitgaven. 'Alsof Europa niet bestaat,' klaagde de Belgische liberaal.
Kakofonie
Ashton heeft groot gelijk dat ze zich niet van de wijs laat brengen door het Europees Parlement. Ze moest er woensdag een stoet aan europarlementariërs aanhoren die allemaal hun zegje moesten doen, ook al hadden fractiegenoten dat allang gedaan. Het werd een kakofonie van optimisten die de democratie zien gloren in Noord-Afrika en zij die vrezen dat de sharia er gaat heersen.
Ashton zat op hete kolen. Ze moest dringend bellen met Egypte, wat de parlementariërs toch zouden moeten toejuichen, maar die hielden haar maar op. Met één stem spreken? Dan lukt zelfs Europese fracties in het Europees Parlement niet. En dan moet een Unie van 27 landen dat wel kunnen?