Premier Mark Rutte (VVD) en bondskanselier Angela Merkel
Volgend jaar is het Verdrag van
Maastricht twintig jaar oud. Met dat verdrag kwam de Economische en Monetaire Unie (EMU) tot stand en
werd de komst van de euro aangekondigd. Iets wat in 1999 daadwerkelijk,
giraal, gebeurde.
Monetaire unie
Terwijl de monetaire unie een groot succes
werd, kwam van de economische unie weinig terecht. De eurolanden bleven
allemaal hun eigen economische beleid voeren, wat niet overal goed ging.
Jarenlang
merkte niemand er wat van totdat de financieel-economische crisis genadeloos
blootlegde hoe zeer de economieën in de eurolanden van elkaar
verschilden en hoe slecht die economie er in landen als Griekenland,
Ierland, Portugal en Spanje voor stond.
Zwakke landen
De regeringsleiders van de
eurolanden hebben het afgelopen jaar de crisis proberen te bedwingen.
Dat gebeurde door zwakke landen als Griekenland en Ierland te hulp te schieten en een noodfonds in het leven te roepen.
Maar ze
werkten ook aan maatregelen om nieuwe crises te voorkomen: een permanent crisisfonds, strenge begrotingsregels en afspraken over het
sociaal-economisch beleid, waardoor loon-ontwikkeling, pensioenleeftijd
en arbeidsmarktbeleid een Europees tintje krijgt.
De afspraken
hierover zijn vastgelegd in voorstellen
van de Europese Commissie en in het Pact voor de
Euro Plus. Die Plus kwam achter de naam te staan omdat zes
landen van buiten de eurozone zich er ook aan conformeerden: Denemarken,
Letland, Litouwen, Polen, Bulgarije en Roemenië.
In feite wordt met deze economische coördinatie bijna twintig jaar na dato alsnog de E van EMU ingevuld.
Soevereiniteit
Zoals
gebruikelijk in de Europese Unie was het debat over de maatregelen niet
altijd even helder. Zo blijft maar onduidelijk hoeveel zeggenschap
landen uit handen geven. In Nederland leidde het in het parlement tot
ellenlange debatten over de vraag of
soevereiniteit wordt opgegeven.
VVD-premier Mark Rutte heeft dat telkens bestreden. Volgens
hem merken alleen zwakke landen de gevolgen doordat ze zich moeten
optrekken aan de sterke landen. Impliciet geeft Rutte daarmee toe dat,
mocht Nederland een zwak land worden, het moet voldoen aan de normen van
sterkere landen en niet kan doen wat het zelf wil.
Maar politici
leren om nooit antwoord te geven op hypothetische vragen en dus
filosofeert Rutte niet over een dergelijke dramatische wending voor
Nederland.
Economisch bestuur
Zijn
partijgenote Neelie Kroes, zelf
eurocommissaris, zei deze week in Brussel nog dat Europa toegroeit naar
een economisch bestuur. Maar aan het gebouw van de Europese Commissie in
Brussel hangen nu al grote doeken met de slogan ‘Naar een sterker
economisch bestuur’.
Geconfronteerd met een vraag over die slogan zei Rutte vrijdag na de Europese top boudweg: 'Die klopt niet.'
De
officiële tekst waarover de
regeringsleiders het donderdag en vrijdag eens werden staat bol van de
economische hervormingen die lidstaten moeten doorvoeren, maar begint
wel met een passage waar Rutte het parlement mee kan geruststellen: ‘Het
pact is hoofdzakelijk toegespitst op gebieden die onder de nationale
bevoegdheid vallen en cruciaal zijn om het concurrentievermogen te
verbeteren en schadelijke onevenwichtigheden te voorkomen.’
Dat
het gaat om nationale bevoegdheden, staat dus vast. Maar wie doorleest
ziet hoe sterk de regeringsleiders elkaar zullen gaan aanspreken op het
nakomen van gemaakte afspraken. Een premier die dan dwars ligt, krijgt
het moeilijk.
Merkel
De Duitse bondskanselier
Angela Merkel ging op haar persconferentie verder dan Rutte, maar
tegenspreken deden ze elkaar nou ook weer niet.
‘We willen
politiek dichter naar elkaar toegroeien. Het gaat allemaal om
intergouvernementele verplichtingen waarover we het eens zijn geworden
en die we na zullen komen, wat bij de invoering van de euro niet is
gebeurd, namelijk een sterkere politiekere samenwerking.’
Hoe
sterk de politieke samenwerking zal worden en of die zal uitdraaien op
de door de Tweede Kamer verfoeide
politieke unie, staat in de sterren beschreven.