Politici proberen Wilders te bestrijden door hem aan te vallen op zijn woordkeus
Politiek is een ambacht. De politieke rationaliteit openbaart zich door middel van retorica. Politiek handelen is daarom verbonden met spreken, en de strijd om belangen verloopt via de taal.
Woorden zijn bouwstenen en soms ook munitie in de politieke strijd. Hoe gevoeliger een maatschappelijk vraagstuk, des te provocatiever het politieke debat. Frits Bolkestein zei ooit: zonder rellen geen debat.
Macht
In de politiek gaat het uiteindelijk om macht. Is dat een verwerpelijke zaak? Nee. Als een politicus beweert dat hij niet naar macht streeft, wijst dat op een ernstige afwijking.
Absolute moralisten in de politiek zijn meestal gevaarlijke of onnozele figuren. De moraal in de politiek heeft een relatieve betekenis. Het ethische gehalte van het politiek handelen is overal en altijd beperkt geweest.
Daarmee wil ik niet zeggen dat de politici immorele figuren zijn. Het gaat hier om het nemen en afleggen van verantwoordelijkheid. Niet het Opperwezen, maar de burgers vormen de macht waaraan verantwoording moet worden afgelegd. De actieradius van de politieke vertaling van ethische uitgangspunten, of de toetsing van politiek handelen aan ethische uitgangspunten is dus marginaal. Macht, daar gaat het om.
Geweld
Het politieke is immers bedacht om een centrale macht te vormen. Zonder centrale macht komen we mogelijk in een natuurtoestand terecht, waarin men niet met rede en retorica, maar met geweld problemen wil oplossen. Wie streeft naar macht om de macht, kan in een tiran veranderen. De politieke macht is ook altijd een geconditioneerde, beperkte macht.
Het streven naar macht gebeurt omwille van het algemeen belang. Wie genoeg macht heeft, kan het algemeen belang vaststellen. En het algemeen belang is gekoppeld aan idealen en aan een specifieke analyse van een maatschappelijke toestand. In de politiek dient men niet de mensheid, maar de stemgerechtigden. Is een politicus dan een slaaf?
Iedere politicus moet soms het lef opbrengen om in strijd met de opvattingen en wensen van zijn kiezer te handelen. Ook hier staat het algemeen belang centraal. Wie uitsluitend naar zijn kiezer luistert, zal spoedig door diezelfde kiezer weggestemd worden. De kiezer wil dat zijn vertegenwoordiger in staat is om een belangenafweging te maken. De volksvertegenwoordiger is er om er de knoop door te hakken.
Consensus
Na hevig debat bereikt een tijdelijke meerderheid - elke meerderheid is tijdelijk in de democratie – consensus over een specifieke zaak. Maar de politiek is en blijft een conflictueuze toestand.
PVV-Kamerlid Geert Wilders, al enige jaren actief in de Nederlandse politiek, beheerst het politieke ambacht bijvoorbeeld uitstekend. Met zijn provocatieve toon heeft hij een aantal belangrijke zaken op de bestuurlijke agenda gezet: immigratie en de godsdienstvrijheid, in het bijzonder met betrekking tot de islam. Het is niet makkelijk om Wilders te bestrijden. Tegenstanders klagen daar regelmatig over.
Al enige tijd wordt er gediscussieerd over hoe Wilders moet worden aangepakt. Daarvoor heeft men verschillende strategieën. Aanvallen op zijn persoon zijn mislukt. Aanvallen op zijn medewerkers zijn mislukt. En de criminalisering van Wilders is inmiddels ook mislukt.
Racisme
De beschuldiging van racisme, discriminatie en aanzetten tot haat is door de Nederlandse rechter van tafel geveegd. Activisten en sommige politici, zoals D66-leider Alexander Pechtold, hebben Wilders van racisme beschuldigd. Ook werd hij als een extreem-rechts figuur neergezet.
Daarnaast hebben velen, binnen en buiten de politiek, hem van nazisme, fascisme en andere vormen van politieke misdaad beschuldigd. De nazificatie is ook mislukt. Wilders' kiezers, en het grootste deel van de Nederlanders dat niet op hem stemt, geloven niet dat Wilders de wedergeboorte van Adolf Hitler is. Dus hoe moet Wilders bestreden worden?
Problemen
Eigenlijk is het heel eenvoudig. Zijn tegenstanders moeten zich verdiepen in de problemen die Wilders aan de orde stelt. En daarna moeten ze bereid zijn om deze problemen met onaangename maatregelen te bestrijden.
Een voorbeeld: als er te veel Marokkaanse Nederlanders zijn die misdaden plegen, moeten Wilders' tegenstanders niet over zijn retoriek praten. Ze moeten met forse maatregelen komen. Echter, tegenstanders hebben het telkens over de provocatieve toon van Wilders.
Woordkeuze
Steeds als Wilders een probleem aankaart, debatteren de tegenstanders van Wilders over zijn toon, over zijn woordkeuze. Dit is natuurlijk dom. Het wordt nog dommer als zij hem vanwege deze woorden willen vervolgen. De tegenstanders moeten juist onmiddellijk terug naar de zaak zelf. Wie dit beheerst, beheerst het ambacht, het vak van politiek handelen.
Wilders heeft enorm veel geluk. Zijn tegenstanders zijn geen vakmannen of vakvrouwen.
Niet Geert Wilders, niet zijn woordkeuze, maar de problemen die hij benoemt moeten worden aangepakt. Dan is Wilders niet meer nodig. Dit is toch niet moeilijk? Of toch wel?