door
Arendo Joustra
27 jan 2012
Minister van Binnenlandse Zaken Liesbeth Spies (CDA) wil financiële openheid
Transparantie over financiële donaties is niet aan de overheid om te regelen, noch aan andere politieke partijen
Openheid over geld dat politieke partijen krijgen van bedrijven, actiegroepen, vakbonden en burgers, lijkt volkomen logisch. En de Tweede Kamer stuurde hier ook op aan, afgelopen dagen in debat met de minister. Die moet de politieke partijen dwingen om transparant te zijn en ze anders een boete geven.
Maar wat logisch lijkt, hoeft nog niet logisch te zijn. Politieke partijen zijn geen onderdeel van de overheid. Ze zijn juist opgericht om de overheid tegen te spreken of dwars te zitten. Burgers moeten daarom alle vrijheid hebben zich politiek te verenigen.
Daarbij past niet dat ze financiële verantwoording afleggen aan de overheid, aan elkaar of aan een of ander instituut.
Recht van spreken
Wie wel recht van spreken hebben, zijn de kiezers. Als die niet kunnen leven met geheimzinnigheid over financiële giften aan hun partij, moeten ze op een andere partij stemmen of zelf een partij oprichten.
Tot nu toe hebben kiezers het overigens nooit een groot probleem gevonden, want de geheimzinnigheid bestaat al sinds er politieke partijen zijn.
Natuurlijk kunnen de leden van politieke partijen of politieke bewegingen bij hun eigen club transparantie afdwingen. Zo hoort dat bij een vereniging. Maar dit is niet aan de overheid om te regelen, noch aan andere politieke partijen.
Noord-Korea
Ja maar, zeggen voorstanders van openheid, dan weten we niet dat de SP geld krijgt uit Noord-Korea, de VVD van Shell en PVV-leider Geert Wilders van 'enge' neoconservatieven in de Verenigde Staten.
Is dat erg dan? Je beoordeelt politieke partijen toch op hun standpunt en stemgedrag. Of die nu ingegeven zijn door vreemd geld of vrome beginselen maakt niet uit.
Want uiteindelijk oordeelt de kiezer in het stemhokje.