Blog

Algemeen

Irving Kristol: Twee keer hoera voor kapitalisme

door Gerry van der List 2 nov 2012

Het kritiseren en jennen van links was een constante in het werk van Irving Kristol
Het kritiseren en jennen van links was een constante in het werk van Irving Kristol

Bij het kritiseren van linkse politici is het soms verleidelijk te verwijzen naar hun radicale verleden. Bij Paul Rosenmöller wordt dan eventjes herinnerd aan zijn vroegere marxistisch-leninistische sympathieën en bij SP’ers aan hun gedweep met Mao Zedong. Geappelleerd wordt daarmee aan het gevoel dat iemand die ooit zulke gevaarlijke denkbeelden aanhing, nooit meer helemaal kan deugen.

Fair is deze bestrijdingswijze niet. Ze gaat voorbij aan de mogelijkheid om wezenlijk van mening te veranderen, om afstand te nemen van jeugdige onbezonnenheid. Een reële mogelijkheid. Kijk naar Irving Kristol (1920-2009). De spraakmakende Amerikaanse intellectueel was tijdens zijn studententijd lid van een militante trotskistische organisatie, maar hij werd bekend als de ‘peetvader van het neoconservatisme’. Soms komt het verstand inderdaad met de jaren.

Paradijs
‘A twice-born generation’ heeft de socioloog Daniel Bell de neoconservatieven genoemd, een generatie die twee keer werd geboren. Het gaat om een groep van intellectuelen, geboren omstreeks 1920, veelal joods en afkomstig uit New York, die in de jaren dertig radicale idealen koesterden.

Mede door de ongelukkige ontwikkelingen in de Sovjet-Unie en de ongekende voorspoed in de Verenigde Staten kwamen deze ‘New York intellectuals’ na de oorlog evenwel tot de ontdekking dat hun vaderland zo ongeveer het aardse paradijs was.

Herboren
Met eenzelfde felheid waarmee ze aanvankelijk kritiek hadden geleverd op het Amerikaanse politieke en economische systeem, wierpen zij zich nu op als advocaten van dit stelsel. Zij voelden zich herboren als fanatieke anticommunisten.

Zo deed de in Brooklyn, New York in een gezin van Joodse immigranten uit Oost-Europa geboren journalist Irving Kristol in 1952 voor het eerst van zich spreken met een controversiële steunbetuiging aan Joe McCarthy.

Na een overzicht van de staatsondermijnende activiteiten van de communisten in de Verenigde Staten merkte hij in de slotzin van zijn artikel op dat het Amerikaanse volk in elk geval één ding zeker wist van de beruchte senator, namelijk dat hij een uitgesproken afkeer had van het communisme. En dat was meer dan gezegd kon worden van al die progressieve figuren die hem luidkeels veroordeelden.

Jennen
Het kritiseren, uitdagen, beledigen en jennen van links zou een constante blijven in de artikelen van Kristol, die de drijvende kracht vormde achter een reeks van vooraanstaande, invloedrijke tijdschriften, zoals Encounter, The Public Interest en The National Interest.

Tot zijn vreugde werd hij in 1969 ook nog eens benoemd tot hoogleraar aan de New York University. De vreugde hing samen met de titel van professor, waardoor hij van het stigma ‘journalist’ verlost raakte, en met de lange academische vakanties. Een echte man van de wetenschap zou hij nooit worden. Het schrijven van doorwrochte beschouwingen met veel voetnoten liet de rechtse straatvechter liever over aan zijn echtgenote, de voorbeeldige geleerde Gertrude Himmelfarb.

Fatsoen
Het neoconservatisme is nooit een echte beweging geweest in die zin dat er geregeld bijeenkomsten waren, verenigingen werden opgericht of pamfletten en manifesten verschenen. Wel was er sprake van een, door een aantal academische generatiegenoten gedeelde maatschappijbeschouwing die in de omschrijving van Kristol een aantal kenmerken heeft. Zoals een antiromantische, realistische inslag, een onvrede met het gedachtegoed van ‘liberals’ en een voorliefde voor het democratisch kapitalisme.

Hoewel de neoconservatieven overtuigd waren van de waarde van het marktmechanisme, waren ze geen blinde voorstanders van een vrij spel der maatschappelijke krachten. Voor hen was het van groot belang dat het tot het kwade geneigde individu in het gareel wordt gehouden met behulp van ouderwetse normen en waarden. Traditionele instituties zoals kerken en het gezin, die de burger fatsoen moeten bijbrengen, zijn onmisbaar voor een vrije samenleving.

Pleziertjes
Net als de meeste neoconservatieven bekeek Kristol de markt met een zekere afstandelijke aanhankelijkheid. Het is duidelijk, legde hij uit in zijn essaybundel Two Cheers for Conservatism, dat het westerse economische stelsel de socialistische planeconomie in efficiëntie en effectiviteit overtroeft en dat het goed verenigbaar is met het vrijheidsideaal. Twee hoeraatjes dus.

Maar voor euforisch gejuich bestaat geen reden. Het probleem van de moderne tijd is dat het kapitalisme is losgeraakt van zijn joods-christelijke wortels en dat de cultuur van het klassieke burgermansfatsoen waarmee het kapitalisme lange tijd verbonden is geweest, geleidelijk wordt ondermijnd. Zijn enige legitimiteit is komen te liggen in de welvaart die het produceert, in de grote hoeveelheid oppervlakkige pleziertjes die het mogelijk maakt.

Hoogstaand
Kristol toonde zich gecharmeerd van de Horatio Alger-verhalen, waarin het zakenleven ten voorbeeld werd gesteld als ideale professie voor nijvere, betrouwbare, onafhankelijke types die vooruit willen komen in de wereld. Het is deze wereld – een democratisch kapitalisme gebaseerd op deugdzaamheid – die in ere hersteld zou moeten worden.

Anders dan de meeste liberalen meende Kristol dat politieke programma’s niet alleen op vrijhed en welvaart gebaseerd moeten zijn, maar ook een visie behoren te impliceren op wat een goed, hoogstaand leven inhoudt.

Politici en intellectuelen zouden dan ook krachtig stelling moeten nemen tegen amoreel, onverantwoord gedrag, zoals het genieten van per definitie vulgaire en mensonterende pornografie. Niet socialisme en communisme zijn de grootste bedreigingen voor de samenleving, maar nihilisme en hedonisme.

Idealist
Hoewel hij zichzelf graag als een realist typeerde, was Kristol in zekere zin het prototype van een idealist. Dat wil zeggen van iemand die overtuigd is van het belang van ideeën en idealen voor de maatschappelijke ontwikkeling. De wereld wordt beheerst door onze denkbeelden, merkte hij op, want onze denkbeelden bepalen de manier waarop wij de werkelijkheid zien.

Zijn idealistische inslag deed Kristol uiterst kritisch kijken naar de ideeënproducenten bij uitstek, de intellectuelen. Zij hadden in zijn visie in de Verenigde Staten veel kwaads aangericht. Zij waren in hoofdzaak verantwoordelijk voor het ontstaan van de ‘tegencultuur’, het allegaartje van antiburgerlijke sentimenten en ideetjes van een nieuwe intelligentsia die in de wereld van de kunst, de wetenschap en de media de jeugd massaal op een dwaalspoor bracht.

Intellectuelen
Kenmerkend voor de door Kristol verafschuwde intellectuelen zijn negativisme en utopisme. Zij zetten zich krachtig af tegen de status quo met als enig alternatief verwijzingen naar een ideale wereld zonder conflicten.

Zoals bijvoorbeeld bleek uit hun weinig doordachte bijdragen aan de debatten over de Amerikaanse buitenlandse politiek, hebben ze ook de irritante neiging over van alles en nog wat stellige opinies te verkondigen. Een intellectueel is in de woorden van Kristol een man die als een autoriteit spreekt over een onderwerp waarvan hij geen verstand heeft.

Ruggengraat
Dat de Amerikaanse samenleving de zenuwinzinking van de jaren zestig heeft overleefd, zo zei Kristol, was te danken aan de instincten van de modale burger. Gewone mensen zijn niet begiftigd met bijzondere wijsheid, maar hun gezonde verstand en hun dagelijkse ervaringen maken hen praktisch immuun voor de romantische Sturm und Drang van vervreemde intellectuelen.

Doorsnee Amerikanen leren iets over economie door een hypotheek te nemen, leren iets over politiek door het schoolbestuur aan het werk te zien, leren iets over de onmogelijkheid van alomvattende hervormingsplannen door de problemen die ze ondervinden bij het opvoeden van hun kinderen. Zij zijn de ruggengraat van de samenleving, de rots waarop een vrije samenleving wordt gebouwd.

Overweldigd
Een neoconservatief, zei Kristol, is een ‘liberal who has been mugged by reality’, een progressief die overweldigd is door de realiteit en door schade en schande wijzer is geworden. En de opdracht van die neoconservatief is het om uit te leggen waarom het volk – doorgaans – gelijk heeft en intellectuelen – doorgaans – ongelijk.

In een lang en vruchtbaar leven heeft de populistische intellectueel Irving Kristol die opdracht op een inspirerende manier uitgevoerd.

De grootsheid van Johan Rudolf Thorbecke, de visioenen van Abraham Kuyper, de tragiek van Dirk de Geer, de degelijkheid van Willem Drees, de kwajongensstreken van Dries van Agt: het komt allemaal aan bod in Alle 42 premiers.
Alle 42 premiers: hun leven en loopbaan door Gerry van der List Bestel hier

Sinds 2002 heeft Gerry van der List voor Elsevier het geestelijk leven gevolgd in de rubriek Spiritueel. Daarin besteedt hij aandacht aan de traditionele godsdiensten als jodendom, islam en christendom, maar ook aan meer alternatieve manieren om het leven te beschouwen: van de tao van Winnie de Poeh tot de wijsheden van voetbalanalist René van der Gijp.
Hoe word ik gelukkig? Reisgids voor de spirituele wereld door Gerry van der List Bestel hier

Tags

zie ook

12 reacties

  • Vraag me af,of linkse Inteligentia uberhoupt ooit een andere mening dan de hunne,zullen accepteren van anders denkende.

  • Nu ben ik van mening dat vanuit de LINKSE of RECHTSE hoek allebei door foute denkbeelden de zaak nooit goed zal komen.

  • De SP en ook Paul Rosenmuller dweepten met Mao toen al lang bekend was dat hun idool verantwoordelijk was voor de dood van miljoenen Chinezen. Dat mag hen best aangerekend worden.

  • Een vos verliest wel zijn haren maar niet zijn streken!!!!

  • De "opheffing van de uigebuite boer en arbeider uit zijn ellendig bestaan"zoals de (waarlijk)grote Marx in de 19e eeuw/begin 20e eeuw verkondigde,trok veel jonge intellectuelen, die zoals later zou blijken, eenvoudig door de communistische machtshebbers werden misbruikt( en opgeofferd als bloedoffer voor de Communistische Wereldrevolutie)."Zomaar"een greep uit de honderden namen van "dromers van een wereld waar eenieder gelijk kan zijn"; Fuchs,Gold, Greenglas,Golos,Silvermaster.Mag ik u aanraden Alex Weinstein's boek "The haunted wood"te lezen,wat naar ik hoop, uw ogen opent.