Barack Obama blijft in het Witte Huis
Ik was erbij toen het land ontplofte van vreugde. Ik was erbij toen zwart en wit, Indiaan en Mexicaan de straat opgingen om te vieren dat hij overtuigend de verkiezingen had gewonnen.
Ik was erbij toen het jubelende volk richting het Witte Huis liep. Ook ik liep langs het Witte Huis. En toen ik in mijn kamer was aangekomen, begon ik voor u te schrijven over wat ik had gezien en meegemaakt:
Tranen stromen
5 november 2008. De stad lacht, de stad danst. Tranen stromen als riviertjes. Het volk bestaat er echt. Verbroedering, verzustering, van velen.
De straat lacht. De stad straalt de kracht van een volk. Alles stroomt, alles weerspiegelt de pijn van een geschiedenis. De burgeroorlog is nu eindelijk beslecht.
Ik loop onder begeleiding van het NOS-Journaal door het volk heen naar het Witte Huis. Tom van de NOS zou een taxi voor mij regelen. Maar dat kon niet. Niemand en niets stopt, alles beweegt. Dus we lopen samen.
'Heb ik mijn paspoort bij me,' vraag ik me af. Overal staan politiewagens. 'Ja ik heb mijn paspoort bij me,' zeg ik luid tegen mezelf en misschien ook wel tegen de wereld die ik nog steeds te gevaarlijk vind om staatloos doorheen te lopen. 'Tom, ze kunnen mij - ik zie er erg Midden-Oosters uit - per ongeluk als terrorist zien.'
‘O God, ik heb geen paspoort bij me,' zegt Tom.
'Je hebt blonde haren, het komt goed,' zeg ik. We naderen het Witte Huis. De meerderheid van het blije volk bestaat uit blanken. Er lopen ook een paar zwarten rond. Nee, de burgeroorlog van eeuwen geleden is nu definitief beslecht. Abraham Lincoln heeft nu echt gewonnen.
Ik kijk naar het huis van het volk. Het Witte Huis siddert van hoop. Het volk roept: ‘Yes we can’. Wat is dit? Dit is religie. Het komt een enkele keer voor in de geschiedenis van een volk.
Nu is het anders
Maar nu is het anders. De cadans in de stem van Barack Obama is verdwenen. Hij is niet meer betoverend. Obama spreekt als een president. Barack is gewoon geworden. Verantwoordelijkheid doet de romantiek verdwijnen. Hij is de leider van de vrije wereld en daardoor veranderde Barack Obama in een te bedachtzame man die elk woord en gebaar diende te wegen.
De poëzie in Obama's taal is verdwenen en heeft plaatsgemaakt voor politieke taal. Het einde van het onschuldige theater. President Obama kan alleen nog met overtuiging het politieke theater regisseren. Het politieke theater is allesbehalve onschuld.
Onvergelijkbaar
Barack Hussein Obama met zijn dichterlijke taal, met zijn ‘Yes we can’, is er niet meer. Deze ontnuchterende werkelijkheid heeft zich bijna ongemerkt voltrokken in Amerika en in de wereld. Bijna niemand weet nog hoe die mooie stem die dwars door de Amerikaanse geschiedenis heen riep: ‘Yes we can’.
Wat er is overgebleven, heet president Obama. Ja, dat is nog steeds wat, maar onvergelijkbaar met wat Barack Obama ooit teweeg kon brengen bij zijn volk. Het dichterlijke is niet meer. Is dat een betreurenswaardige zaak?
Essentie
De essentie van het ooit door Obama geambieerde beroep heeft zich meester gemaakt van Obama als inspirator van een volk. Dat is alleen maar goed. Als opperbevelhebber van de Amerikaanse strijdkrachten leerde Obama dat een kogel elke vorm van fantasie, poëzie of inspiratie zal doen verstommen.
Obama veranderde in president Obama. Daarmee kwam hij terecht in het hart van realiteit.
President Barack Obama is herkozen. Hij erft nu zijn eigen puinhoop: de torenhoge staatsschuld, het nucleaire programma van Iran, de jihadistische lente in Syrië en ten slotte de oprukkende Taliban in Afghanistan.
Yes we can is helaas geen antwoord op de problemen van Amerika en de wereld.
Dit schreef Afshin Ellian op 5 november 2008, na Obama's eerste verkiezingsoverwinning:
Toen ik om vijf uur 's ochtends buiten stond te roken, zag ik al mensen die naar hun werk gingen. Een bewolkte dag in Washington. De hemel was wel bewolkt, maar hier, op aarde, in Amerika, geldt deze dag als een stralende dag... lees verder