door
Oene van der Wal
11 mrt 2012
Angela Merkel loopt voorop in Europa maar in Duitsland moet ook veel gebeuren
Duitsland is het anti-Griekenland geworden. Zo slecht als het Zuid-Europese land wordt afgeschilderd, zo positief denken velen over Duitsland.
Dat is begrijpelijk. Duitsers maken uitstekende, zeer gewilde auto's. Ze zijn misschien wel de beste machinebouwers ter wereld. Hun exportcijfers zijn glanzend, de economie groeit, de werkloosheid is historisch laag, de overheidsfinanciën zijn (of lijken) op orde.
Bankroet
De vraag is echter of het aura van perfectie dat zo langzamerhand om de Duitsers hangt wel zo terecht is. Enkele 'ongemakkelijke' feiten (in het besef dat alles relatief is):
*Slechts vijf van de zestien Duitse deelstaten staan financieel op eigen benen. Beieren, Baden-Württemberg en Hessen houden de andere deelstaten met jaarlijks zeven miljard euro overeind. Berlijn - schuld: 62 miljard euro - ontvangt jaarlijks zo'n 3 miljard euro.
*Honderden Duitse gemeentes zijn bankroet. Op veel plaatsen is de schuld per hoofd van de bevolking hoger dan die in Griekenland. Ze overleven slechts , net als Griekenland, dankzij noodbegrotingen en miljardensubsidies.
*Duitsland krimpt en vergrijst sneller dan de meeste andere Europese landen. In 2050 zijn er waarschijnlijk nog maar 73 miljoen Duitsers (nu 82 miljoen). Noch pessimistischer berekeningen komen uit op 60 miljoen mensen. De helft zal dan boven de 48 jaar oud zijn, een derde boven de 60.
*De officiële staatsschuld is 82 procent van het bbp, ruim boven het Maastricht-criterium van 60 procent. De officieuze staatsschuld - ongedekte uitgaven voor pensioenen, werkloosheid en zorg - bedraagt echter 185 procent en loopt waarschijnlijk op naar meer dan 400 procent in 2050.
*De sociale uitgaven bedroegen in 1960 nog een vijfde van het bruto binnenlands product, nu circa een derde (West-Duitsland). In 2010 kostte de verzorgingsstaat ruim 760 miljard euro, meer dan twee keer zoveel als de federale begroting.
*Van de kinderen is 20 procent bij geboorte afhankelijk van de verzorgingsstaat. Twee miljoen kinderen onder de veertien jaar leven van sociale uitgaven. In 1965 waren dat er nog 120.000.
*De economische groei is weliswaar hoger dan die in Nederland, maar zo indrukwekkend zijn de cijfers nu ook weer niet. De 3 procent groei in 2011 was netjes, maar de voorspelde 0,6 procent voor dit jaar? Dat is amper een groeiwonder te noemen.
*Loonmatiging is een cruciale factor in het Duitse economische succes. Maar tegen een hoge prijs. Jaarlijks vult de overheid lage lonen met gemiddeld 10 miljard euro belastinggeld aan tot het bestaansminimum.
*Duitse scholieren zijn slechts middenmoters bij wis- en natuurkunde. Het land loopt in maar is 'nog ver van de Champions League verwijderd', aldus een onderzoeker van PISA. In lezen en tekstbegrip zijn Duitse leerlingen matig.
*Jaarlijks verlaat gemiddeld 7 procent van de leerlingen de middelbare school zonder diploma.
*Het land leidt veel te weinig vakmensen op. Het gunstigste scenario van de Bundesagentur für Arbeit gaat uit van een tekort van twee miljoen in 2025, waarvan tienduizenden ingenieurs.
Europa's vlaggenschip Duitsland zeilt nu nog fier voorop, maar het maakt meer water dan velen zich schijnen te realiseren.