door
Carla Joosten
22 mei 2012
De Kamer moet zorgen voor controle over het ESM
De gang van zaken rond Europees Stabiliteitsmechanisme noopt tot fundamenteel debat over eurobeleid. Kamer loopt achter de feiten aan
De Tweede Kamer stemt deze week in met het Europees Stabiliteitsmechanisme, afgekort ESM. Daarmee levert het parlement budgetrecht in. Een gevolg van de wens om de euro overeind te houden en een stap verder in de richting van een schuldenunie.
Het ESM moet financiële bijstand verlenen aan eurolanden die in financiële problemen komen of dreigen te komen. Besluiten hierover moeten door alle eurolanden worden goedgekeurd, behalve in noodgevallen. Dan is 85 procent voldoende.
Italië, Frankrijk en Duitsland kunnen wel in hun eentje een lening tegenhouden, kleinere landen als Nederland niet.
Kritiek
Dat laatste is slecht en de tegenstanders van het ESM – SP, PVV, PvdD en ChristenUnie – leggen daar terecht de vinger op. Ook terecht is de breder gedragen kritiek dat er onvoldoende controle is op de besteding van het geld. Daardoor is er geen zekerheid of de ontvangende landen zich wel houden aan de afspraken.
De Tweede Kamer moet eisen dat die controle er alsnog komt. Dat kan buiten het verdrag om, al is dit een moeizame weg. Verantwoording afleggen over Europese geldstromen is immers geen gebruik in veel lidstaten, zoals de Algemene Rekenkamer al jaren signaleert.
Uiteenvallen
Het ESM is een van de middelen om een chaotisch uiteenvallen van de muntunie te voorkomen. De hoop is dat de pot niet aangesproken hoeft te worden doordat geldmarkten het vertrouwen houden in de zwakke landen.
Nederland kan niet meer afhaken. Het parlement had in een eerder stadium met andere nationale parlementen moeten voorkomen dat grote landen een zwaardere stem hebben dan kleinere.
Verantwoording
De Kamer is er in de toekomst zelf bij in hoeverre ze de minister van Financiën – die met zijn collega’s toezicht op het ESM houdt – op de huid zit. Hij kan te allen tijde ter verantwoording worden geroepen.
Desondanks is het een schrikbarende gedachte dat Nederland met de schuldencrisis een Europese schuldenunie wordt ingerommeld en steeds minder grip op zijn eigen geld krijgt.
Het blijft immers niet bij het ESM. De euro-obligaties komen er ook aan. Het is de hoogste tijd dat de Kamer een fundamenteel debat voert over de ingrijpende gevolgen van het crisisbeleid in de eurozone.