door
Jelte Wiersma
30 jun 2012
Het romantische beeld van krakers als onschuldige wietrokende kunstenaars en muzikanten is verdwenen
De tijden zijn veranderd, zelfs in Amsterdam. Krakers worden eindelijk aangezien voor wat ze vaak zijn: stelende en gewelddadige vandalen
Jullie wetten zijn niet de onze! Onder het roepen van deze leus trokken zo’n 250 krakers in oktober 2010 door de Amsterdamse binnenstad. Zij protesteerden tegen de invoering van de anti-kraakwet die was aangenomen door de Tweede en Eerste Kamer.
Decennialang hadden de krakers met dit soort anti-democratische en anti-kapitalistische retoriek veel invloed op de politiek. Sommige linkse bestuurders – die zelf soms kraker waren geweest – steunden de beweging zelfs, vooral in Amsterdam. Met deze politieke rugdekking pikten krakers ongehinderd vastgoed in dat niet hun bezit was.
Veranderd
Gelukkig zijn de tijden eindelijk veranderd, zelfs in Amsterdam. Het romantische beeld van krakers als onschuldige wietrokende kunstenaars en muzikanten is verdwenen. Krakers worden aangezien voor wat ze vaak zijn: koper stelende, gewelddadige en dronken vandalen, vaak uit Oost-Europa en Spanje.
Ook de bezwaren tegen een harde aanpak van het kraken hebben hun kracht verloren. Amsterdamse bestuurders als wethouder en oud-kraker Maarten van Poelgeest (GroenLinks) ageerden in 2010 tegen de anti-kraakwet omdat die niet uitvoerbaar zou zijn. Nog geen twee jaar later blijkt dit onzin.
329 panden
De Amsterdamse politie ontruimde sinds de anti-kraakwet 329 panden, er resten nog 23. ‘Als we komen, is er één winnaar en dat zijn wij,’ zei politiecommissaris Leen Schaap in Het Parool.
De krakersfans in de politiek zijn stil. Ze accepteren blijkbaar dat ze zich niet kunnen onttrekken aan wetten die andermans eigendom beschermen. Dat is winst voor de rechtsstaat.