Alexander Haig: een kolkende vulkaan van emoties
In de jaren dat Jaap de Hoop Scheffer (CDA) nog maar een eenvoudige ambassadesecretaris was op de Nederlandse Vertegenwoordiging bij de NAVO in Brussel, was generaal Alexander Haig opperbevelhebber van de geallieerde strijdkrachten in Europa.
Aan het eind van de jaren zeventig van de twintigste eeuw, adverteerde het whiskymerk Haig met de slogan: Don't be vague, ask for Haig. De liefhebber moest bij de slijter dus niet om whisky, maar om Haig vragen. Deze kreet weerklonk ook geregeld in de gangen van het NAVO-hoofdkwartier - zij het dat in dit geval niet de drank, maar de opperbevelhebber werd bedoeld.
Leden van de Nederlandse delegatie gaven een andere draai aan die oproep. Soms schreven zij: Don't be vague, ask for Hague op hun memoranda - Doe niet zo vaag, vraag het Den Haag. Zo werd Den Haag voorgesteld als een baken van licht boven de donkere baren van de trans-Atlantische betrekkingen.
Bij zijn benoeming tot opperbevelhebber in 1974 had de Nederlandse regering nog wel wat aarzelingen betreffende Haig, die een fervent voorstander was van de neutronenbom.
De Amerikaan kon zich weleens iets te veel als een wildeman ontpoppen, zo vreesden de minister van Buitenlandse Zaken Max van der Stoel (PvdA) en Bram Stemerdink (PvdA), staatsecretaris van Defensie. Die reserves zijn trouwens spoedig weggesmolten.
Aanslag
Haig zetelde met zijn hoofdkwartier in Casteau (België). Tien kilometer verderop werd in juni 1979, vlak voor zijn vertrek als opperbevelhebber, een aanslag op hem gepleegd. Die mislukte.
Haig kwam dikwijls naar Brussel, waar hoge diplomaten dan vaak een diner voor hem gaven. Een van zijn Nederlandse tafeldames uit die tijd roemt nog steeds zijn kobaltblauwe ogen en de levendigheid van zijn conversatie - hoe onverstaanbaar die ook mocht zijn.
Een groep filologen van de University of Michigan meende destijds dat Haig er goed aan zou doen om minstens een half jaar lang Latijn te spreken, om zo gevoel te krijgen voor de wetten van de grammatica.
Maar mocht het zo zijn dat hij zo onnavolgbaaar sprak om de Sovjets gek te maken, dan moest deze Haig-speak als de grootste diplomatieke vondst sinds Carl von Clausewitz worden beschouwd.
In zijn tijd als opperbevelhebber van de NAVO botste Haig overigens dikwijls met de toenmalige president Jimmy Carter.
Ambities
Alexander Meigs Haig jr. werd op 2 december 1924 geboren in Bala Cynwyd in de staat Pennsylvania. Zijn vader, een advocaat, stierf toen Alexander tien jaar oud was. Die moest al snel een krantenwijk nemen om het inkomen van zijn moeder, die niet uit werken ging, aan te vullen.
Na een verblijf van een jaar aan de University of Notre Dame, Indiana, werd Haig toegelaten tot de militaire academie van West Point, New York. Hij eindigde daar als nummer 214 in een lichting van 310. Niet een klassering om over naar huis te schrijven, maar de almanak roemde de kracht van zijn overtuigingen, slechts overtroffen door die van zijn ambities. Haig zou zeker de top bereiken.
Een juiste prognose, zoals zou blijken.
Nadat hij in de staf van generaal Douglas MacArthur in Japan had gediend, proefde Haig voor het eerst wat vechten is toen hij in 1950 deelnam aan de landing bij Incheon in Zuid-Korea. Daar verdiende hij zijn eerste onderscheiding (Distinguished Service Cross) van de borstvol die hij mettertijd zou verzamelen.
Lef
Onder de Democratische presidenten John F. Kennedy en Lyndon B. Johnson vervulde Haig tal van hoge staffuncties. Volgens minister van Defensie Robert McNamara was hij een van de weinige officieren die het lef hadden om hem tegen te spreken als hij dacht dat een bepaald plan verkeerd was.
In 1966 voerde Haig het bevel over een brigade in Vietnam. Toen Richard Nixon in 1968 aan de macht kwam, vroeg de Nationale Veiligheidsadviseur Henry Kissinger aan Haig om zijn assistent te worden.
Zo’n wildeman was Haig kennelijk ook weer niet, want Kissinger schrijft in zijn memoires dat de kolonel er juist heel goed in was om de anarchistische neigingen van zijn baas in bedwang te houden.
De president zelf had een hoge dunk van hem. Begin 1972 belastte Nixon hem met de voorbereiding van een presidentiële reis naar China, op 21 februari datzelfde jaar.
In de laatste maanden van 1972 pendelde Haig, inmiddels plaatsvervangend chef-staf van de landmacht, wel twaalf keer tussen Washington en Saigon. Als persoonlijk afgezant van president Nixon wist hij ten slotte de Zuid-Vietnamese president Nguyen Van Thieu te overreden om de Parijse vredesakkoorden te aanvaarden.
Watergate
Tijdens de Watergate-affaire benoemde Nixon de scherpzinnige generaal tot de opvolger van kabinetschef H.R. Haldeman, die wegens zijn betrokkenheid bij die affaire de laan was uitgestuurd. Bij de Watergate-zaak waren de geluidsopnamen van gesprekken tussen Nixon en zijn hoogste medewerkers gewist. Dat uitwissen had tot doel de compromitterende waarheid te verdoezelen.
Van Haig is de uitspraak dat sinistere krachten de gaping van 18½ minuut hadden veroorzaakt in de geluidsbanden die met Watergate hadden te maken. In zijn memoires vertelt Haig geschokt te zijn geweest door Nixons suggestie om bandjes met nepgesprekken te gaan opnemen.
In augustus 1974 was het Haig die president Nixon ten slotte tot aftreden bewoog. Hij had zo veel mogelijk alle pillen en poeders uit de badkamers van het Witte Huis verwijderd, uit angst dat de president zichzelf iets zou aandoen.
Het is nooit duidelijk geworden of het tevens Haig was die Nixons opvolger, president Gerald Ford, ertoe had gebracht om Nixon clementie te verlenen.
In 1979 maakte Haig voor het eerst een sprong naar het bedrijfsleven. Hij werd bestuursvoorzitter van de wapenfabrikant United Technologies. Maar hij was alweer vlug terug in Washington.
Minister
Begin januari 1981 werd Haig voor een periode van anderhalf jaar minister van Buitenlandse Zaken onder president Ronald Reagan.
Toen Reagan op 30 maart dat jaar door een student werd neergeschoten, verklaarde Haig voor de televisie dat hij nu de touwtjes in handen had (George H.W. Bush, de vicepresident, was op reis). Doordat er nog twee hoge functionarissen boven hem in de pikorde voor de opvolging kwamen, wekte deze uitlating in brede kring de lachlust op.
Haig kon maar moeilijk wennen aan de vrienden-onder-elkaarsfeer die in het Witte Huis van Reagan heerste, zo heel anders dan die hij ten tijde van Nixon had gekend.
Haig beschouwde zich als de 'vicaris van het buitenlands beleid'. Het liefst zou hij daar een onemanshow van hebben gemaakt. Deze houding zette, begrijpelijk genoeg, veel kwaad bloed bij de andere beleidsmakers. Conflicten met hen waren dan ook aan de orde van de dag.
Haig leek vaak een kolkende vulkaan van emotionaliteit die zijn medeministers meestal de slechtst mogelijke motieven toedichtte. Hij bleef met zijn ontslag dreigen.
Dit gedrag hing Reagan uiteindelijk zo de keel uit dat hij op 25 juni 1982 Haig een brief overhandigde waarin stond dat hij diens ontslag aanvaardde, een ontslag dat Haig nooit formeel had ingediend.
Infectie
In 1988 deed de Republikein Haig nog een gooi naar het presidentschap. Maar die strijd moest hij al spoedig opgeven bij gebrek aan een vaste aanhang.
Deze kleurrijke viersterrengeneraal die zich schijnbaar moeiteloos had gevoegd in het weefsel van de politiek, stierf op 20 februari 2010 aan een infectie in het Johns Hopkins ziekenhuis te Baltimore.
Alexander Haig, door zijn rivalen destijds spottend de 'commandant van de wereld' genoemd, werd 85 jaar oud.
In de ruim 100 pagina’s dikke uitgave Ronald Reagan – Ter herinnering 1911-2004 brengt de redactie van Elsevier het rijke leven van de Great Communicator in beeld. Bestel hier