door
Eric Vrijsen
20 sep 2012
De macht van Peetoom is tanende door de nieuwe nederlaag van het CDA
Opnieuw laat het CDA een commissie een verkiezingsdebacle bestuderen. Het wordt tijd dat de partij de werkelijke oorzaken van de nederlaag durft te benoemen
Het CDA wanhoopt. Nog een paar verkiezingen en en de laatste CDA’er kan het licht uitdoen. Vorige week kwam de nieuwe fractie bijeen. ‘Het moet afgelopen zijn met de mastodonten als Wijffels, Aantjes en Hirsch Ballin,’ werd er geroepen. ‘We dumpen ze in de Hofvijver.’
Totdat iemand constateerde dat het CDA nu minder Kamerleden heeft dan oudgedienden. En weldra dient een nieuwe lichting ‘mastodonten’ zich aan: Bleker, Leers, Hillen.
Maandag vergaderde het partijbestuur. Voorzitter ds. Ruth Peetoom en fractieleider Sybrand van Haersma Buma hielden de rayonhoofden in bedwang: een commissie zal de val analyseren.
Debacle
Zo zet je een hete kwestie in de ijskast. Want zo’n rapport ligt er al, opgesteld door de commissie-Frissen die de nederlaag van 2010 onderzocht. Zo gaat dat bij het CDA van tegenwoordig: de ene nederlaag wordt nog verwerkt of het volgende debacle is reeds een feit.
De commissie-Frissen adviseerde een lijsttrekker te kiezen in plaats van aan te wijzen. Dat heeft goed gewerkt. Buma liet zich niet door storende microfoons afleiden en nummer twee Mona Keizer kwam aangestormd.
De inhoudelijke vernieuwing ‘radicaal door het midden’ was te vaag om kiezers te bereiken. En de partijorganisatie moest op de schop, maar is onzeker geworden. Door de nieuwe nederlaag is de macht van Peetoom tanende.
Tekort aan gemoedelijkheid
Vooral onder katholieke CDA’ers in het zuiden is Peetoom (‘de dominee’) de gebeten hond. Ze liet de populaire Limburger Ger Koopmans – zelfs volgens de linkse pers een van de beste volksvertegenwoordigers – van de lijst gooien.
Ook stonden er geen echte Brabanders op verkiesbare plaatsen. Terwijl het CDA het juist van Brabant en de Zuid-Hollandse forensensteden moet hebben. Het CDA tobt nu over de ontkerkelijking als oorzaak. Zinloos. De oorzaak ligt bij de partij zelf: een tekort aan conservatieve gemoedelijkheid.
Het CDA ontstond uit de gemoedelijk rechtse KVP en CHU en de scherpslijperig linkse ARP. Van KVP en CHU is weinig over: feitelijk opgeslokt door de ARP. Maar dat durft geen onderzoekscommissie op te schrijven.