Nieuws

Algemeen

Kunstkoper mijdt Europa niet ondanks hoge belasting

door Maartje Willems 4 mrt 2008

De positie van de Europese Unie als verkoper van kunst is niet echt verslechterd
De positie van de Europese Unie als verkoper van kunst is niet echt verslechterd

De positie van de Europese Unie als verkoper van kunst is de laatste jaren niet verslechterd, vergeleken met de Verenigde Staten. Ondanks de invoering in 2006 van een nieuwe Europese belastingvorm, het zogeheten volgrecht.

Het volgrecht is in onder meer Nederland en het Verenigd Koninkrijk ingevoerd en heeft de Europese concurrentiepositie het eerste jaar niet wezenlijk aangetast.

Over 2007 zijn nog geen cijfers bekend, maar de meeste kunsthandelaren zeggen tot op heden geen nadelige gevolgen te hebben ervaren van de fiscale veranderingen. Dat blijkt uit in februari 2008 gepubliceerd onderzoek van de Ierse econoom Clare McAndrew. Zij interviewde in 2007 onder meer 3.500 kunsthandelaren verspreid over de wereld.

Beschadigd
Belanghebbenden op de Europese kunstmarkt, zoals veilinghuizen en kunsthandelaren, hadden voorspeld dat vooral de invoering van het volgrecht de Europese positie op de mondiale kunstmarkt onherstelbaar zou beschadigen.

Het volgrecht bepaalt dat de verkoper van een kunstwerk een percentage van de verkoopprijs moet betalen aan de maker – of diens erfgenamen. Dat bedrag kan oplopen tot 12.500 euro per kunstwerk; betaling is verplicht bij elke doorverkoop tot 70 jaar na overlijden van een kunstenaar.

`Het verhaal was: we raken onze handel kwijt’, zegt fiscalist Sigrid Hemels, enkele jaren geleden aan de Rijksuniversiteit Leiden gepromoveerd op belasting(subsidies) in de kunst. `Maar daarvan is nog weinig te merken, al is het te vroeg om te juichen.’

Hemels wijst er bovendien op dat Europa de afgelopen vijf jaar wel enkele procenten handel verloor aan de Verenigde Staten. Dat land hernam vanaf 2003 zijn positie als grootste kunsthandelsland in omzet.

Belastingsklimaat
Onduidelijk is echter wat de oorzaak is. Is sprake van een krachtig herstel van de Amerikaanse kunstmarkt, na een dip van enkele jaren na nine-eleven? Of veilen veilinghuizen als Christie’s en Sotheby’s topstukken recent liever in de Verenigde Staten dan in Europa, vanwege het belastingklimaat hier?

`De algemene perceptie is toch dat (kunst)zaken doen in Europa duurder, tijdrovender en ingewikkelder is’, schrijft McAndrew in haar onderzoek. Die perceptie is een optelsom van EU-regels op het gebied van BTW, export, import en van het volgrecht.

Zo wordt bijvoorbeeld ook vijf procent belasting geheven als mensen kunstwerken van buiten de EU hier importeren. De Amerikaanse en Chinese markt (Hong Kong) kennen zo’n import-BTW niet.

zie ook

0 reacties