door
Eric Vrijsen
19 mei 2011
VVD-fractievoorzitter Stef Blok wil minder Kamervragen en spoeddebatten
VVD-fractieleider Stef Blok en zijn afkeer van de papieren werkelijkheid op het Binnenhof
‘Ergernis tot in mijn tenen,’ meldt
VVD-fractieleider Stef Blok. ‘De Tweede Kamer is de grootste aanjager van de
bureaucratie in Nederland. We storten een lawine aan vragen, debatten en moties
over de regering uit. Er wordt me hier wat afgekletst!’
Stelt u zelf nooit vragen?
'Ik stel 7 schriftelijke vragen per
jaar. Ik geef toe dat daar ook een vraag bijzat om media-aandacht te trekken. Maar
mijn collega’s stellen drie keer zoveel kamervragen. De eerste vier maanden van
dit jaar waren er al 1.200. Het aantal moties verdubbelde in enkele jaren tot
2.600 per jaar. Tussen 2005 en 2009 nam het aantal Kamervergaderingen toe van
873 naar 1.341. Dit jaar sneuvelt dat record.’
Wat is uw bezwaar?
‘Dat er een bak geld wordt verstookt.
Een leger van ambtenaren is nodig om het parlement te bedienen. Elke dinsdag stelt
de Griffie een groslijst op van 25 onderwerpen voor het vragenuurtje. Hieruit selecteert
de Kamervoorzitter zeven onderwerpen. Maar inmiddels bereiden de departementen hun
bewindslieden al voor op die 25 onderwerpen.’
Joost Eerdmans (LPF) diende ooit de legendarische
Kamervraag in: wat kost een Kamervraag? Toenmalig VVD-minister van Binnenlandse
Zaken, Johan Remkes, rekende toen voor - op basis van de gemiddelde tijd die
ambtenaren bezig waren met uitzoeken en antwoorden formuleren – dat elke vraag
1.750 euro kost. Blok neemt dat bedrag voor het gemak over: ‘Elke dinsdag
zitten batterijen ambtenaren hun ministers voor te bereiden op 25 series
vragen. Elke dinsdag dus 25 keer 1.750 maakt is bijna 45.000 euro. Het
vragenuurtje kost dus 1,8 ton per maand en zo’n 2 miljoen per jaar. Schriftelijke
vragen: 3.000 keer keer 1.750 euro is ruim 5 miljoen per jaar.’
‘Elke vergadering kost een vermogen aan
ambtelijke ondersteuning. Een bewindsman moet immers een concept-antwoord op
papier hebben op elke potentiële vraag. Natuurlijk, de Kamer heeft recht op
informatie. Maar iedereen moet beseffen dat gratuite vragen niet gratis zijn.
Ik hekel ook de overvloed aan spoeddebatten. Er staan er nu 23 op de
wachtlijst. Valt niet meer serieus te nemen.’
Als regeringspartij moet u toch blij
zijn dat de Kamer zich verliest in onbelangrijke details?
‘Ja, laat de Kamer maar spoeddebatteren
over onbenullige onderwerpen, zoals laatst “de moord op de honingbij”. Laat het
parlement maar vragen stellen over de overlast van de roeken in Lochem of een
fietspad bij het station van Breda. Laat maar komen, die moties over
frituurvet, een verplichte cursus voor alle hondenbezitters en het bespoedigen
van de opheffing van België. Maar het schaadt het aanzien van de Kamer. Wij moeten
niet zonder bevoegdheden zomaar wat schreeuwen. Niet proberen de gemeenteraad van
heel Nederland te zijn. Verkrampte
microcontrole sluipt de Kamer binnen. Ik neem daar stelling tegen, want
ik ben de fractieleider van de grootste partij. En de grootste partij moet leidend
zijn.’
Wat stelt u voor? Een maximum aan spoeddebatten,
moties en Kamervragen per fractie?
‘Nee, geen quota. Het vergaren van informatie
vormt de kern van de parlementaire rechten. Dat kun je niet limiteren. Ik vind wel
dat voortaan elk jaarverslag moet vermelden hoeveel kosten de Kamer
veroorzaakt. Verder wil ik mijn collega-fractieleiders overreden om
terughoudend te zijn. Ik vrees echter dat de vragenkampioenen SP, Partij voor
de Dieren en PVV hier niks in zien.’
Dus zal de VVD het goede voorbeeld
geven?
‘Wij gaan zelf op onderzoek uit. Zo
voer ik al jaren een strijd tegen de geldverslindende arbeidsbemiddeling. Als
je de minister vraagt hoeveel werklozen via de arbeidsbemiddeling aan een baan komen,
krijg je de geflatteerde cijfers. Dus inclusief degenen die zonder hulp solliciteerden.
Pak als Kamerlid zelf de auto en rij naar een paar bedrijventerreinen om te
praten over het aannemen van personeel! Dan hoor je hoe het in praktijk gaat.
Een echte baas vraagt zijn personeel of ze iemand kennen die om een baan
verlegen zit. Ga je als Kamerlid zelf op speurtocht, dan ontmoet je de mensen
met roet, vuil en smeer onder de nagels. Die vertellen het echte verhaal.’