door
Robin van der Kloor
10 okt 2007
Condoleezza Rice is bang dat Turkije
Om de relatie met Turkije niet kapot te maken waarschuwt de Amerikaanse regering het Congres om de Ottomaanse slachtingen in 1915 op de Armeense bevolking vooral geen genocide te noemen. Het Witte Huis is namelijk bang dat hierdoor Turkije Amerika de toegang tot militaire bases gaat verbieden.
President George W. Bush en de minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice spraken los van elkaar het Congres toe. Ze doen hun oproep enkele uren voordat de commissie Buitenlandse Betrekkingen van het Huis van Afgevaardigden gaat stemmen over een resolutie waarin de Armeense genocide aan de orde komt.
Zeer problematisch
Volgens Rice zou de resolutie ‘zeer problematisch' zijn voor de Amerikaanse banden met Turkije en het Midden-Oosten en ‘zeer destabiliserend voor onze inspanningen in Irak en Afghanistan.’
Turkije waarschuwde eerder al dat de resolutie ertoe kan leiden dat Amerikanen geen gebruik meer mogen maken van militaire bases in het zuidoosten van Turkije.
Commotie
De genocide heeft in Nederland ook tot veel commotie geleid. Hoewel Nederland de slachting uit 1915 wel degelijk erkent is staatssecretaris Nebahat Albayrak (PvdA), die ook een Turks paspoort heeft, altijd vaag gebleven wat betreft haar standpunt.
In Turkije wordt de Armeense genocide namelijk officieel ontkend. Verschillende schrijvers die hierbij hun vraagtekens zetten, zijn vervolgd door de staat wegens het beledigen van Turkse identiteit.
Naar de homepage
Armeense genocide
Bij de genocide zijn volgens de Armenen 1,5 miljoen mensen om het leven gekomen. De slachtingen hadden plaats tussen 1915 en 1917. Turkije wilde de Armeniërs uit het oosten van het land verjagen. Ook westerse historici onderschrijven dit aantal doden.
Turkije beweert juist dat aan beide kanten hevig gevochten is. Er zouden net zoveel Turken als Armeniërs zijn gedood. De gevechten waren volgens het land een gevolg van de Eerste Wereldoorlog en de ineenstorting van het Ottomaanse Rijk.