door
Luc van Kemenade
10 okt 2008
Afghaanse boer in zijn papaverveld
De NAVO-landen gaan gezamenlijk de drugsproductie- en handel in Afghanistan bestrijden. De Taliban verdient jaarlijks tientallen miljoenen euro’s aan de enorme Afghaanse opiumproductie.
Dat zijn de ministers van Defensie van de 26 NAVO-lidstaten na moeizaam overleg in Boedapest overeengekomen.
Platbranden
Amerika pleit voor een harde aanpak terwijl Duitsland, Italië, Spanje, Griekenland en Polen drugsbestrijding aan de Afghaanse regering willen overlaten.
Ze vrezen dat de Afghaanse bevolking zich tegen de aanwezige ISAF-troepen keert als de NAVO-landen de inkomsten van kleine boeren wegnemen.
In de overeenkomst is vastgelegd dat ISAF geen papervelden zal platbranden. Wel zullen de landen zich samen met de Afghaanse politie richten op laboratoria voor opiumproductie en op drugsbaronnen en hun netwerken.
Nederlandse militairen
Minister Eimert van Middelkoop (ChristenUnie) van Defensie steunt de overeenkomst. ‘Vooral het optreden tegen drugsnetwerken en laboratoria is belangrijk, in plaats van het platbranden van papavervelden waarmee je alleen maar de boeren zou duperen,’ zegt een woordvoerder.
Ook samenwerking met de Afghanen vindt Van Middelkoop belangrijk. De minister kon nog niet zeggen wat het nieuwe drugsbeleid voor de Nederlandse militairen in Afghanistan betekent.
Papaver
Afghanistan is verantwoordelijk voor 92 procent van de wereldwijde opium- en heroïneproductie. De Taliban gebruikt de miljoenen aan drugsgeld om wapens te kopen waarmee het tegen de Westerse militairen in Afghanistan vecht.
Veel kleine Afghaanse boeren zijn voor hun inkomsten afhankelijk van het verbouwen van papaver.