President Bouterse hoopt met de amnestiewet vervolging voor de Decembermoorden te ontlopen
De krijgsraad in Suriname heeft het proces rond de Decembermoorden tijdelijk uitgesteld. Het Openbaar Ministerie (OM) moet eerst bepalen of de omstreden amnestiewet in strijd is met de grondwet.
Een nog op te richten constitutioneel hof moet zich gaan buigen over de amnestiewet. Het Surinaams parlement nam die wet op 5 april dit jaar aan.
De wet houdt in dat de verdachten van de Decembermoorden van 1982, onder wie president Desi Bouterse, niet kunnen worden vervolgd.
In het Decembermoordenproces staan president Desi Bouterse en 21 andere verdachten terecht wegens verdenking van betrokkenheid bij de moord op 15 vooraanstaande Surinamers op 8 december 1982.
Niet ontvankelijk
De advocaten van Bouterse hadden de krijgsraad gevraagd het OM niet ontvankelijk te verklaren, vanwege de amnestiewet. Maar de rechter verklaarde dat deze wet eerst zal moeten worden getoetst.
In binnen- en buitenland ontstond er veel ophef over de amnestiewet. Demissionair minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal (VVD) riep de Nederlandse ambassadeur in Paramaribo terug en schortte de ontwikkelingshulp aan Suriname op.
Suriname heeft op dit moment geen instantie die wetten kan toetsen aan de grondwet. Dit constitutionele hof zal nu binnen een jaar worden opgericht.
Met de amnestiewet gaat president Desi Bouterse vrijuit voor de Decembermoorden, terwijl zijn veroordeling nabij leek. Een nieuw dieptepunt voor Suriname, dat een isolement riskeert
Commentaar Gerlof Leistra: Amnestiewet: Suriname is moreel failliet