Syrië schoot vorige week een Turks F-4 Phantom-toestel uit de lucht.
Turkije heeft geen plannen om buurland Syrië binnen te vallen als reactie op de vorige week neergehaalde straaljager. Dat heeft de Turkse premier Recep Tayyip Erdogan woensdag gezegd.
'Als Turkse natie hebben we geen intentie om aan te vallen,' sprak Erdogan. De premier ontkracht daarmee de dreigende woorden van de afgelopen dagen.
Dinsdag zei Erdogan dat Turkije 'vastberaden zal terugslaan' op de schendingen van Syrië. Turkije had de NAVO gevraagd een spoedzitting te houden over de door Syrië neergeschoten Turkse straaljager.
De NAVO-lidstaten veroordeelden de aanval, maar riepen niet op tot actie. Turkije lijkt nu dezelfde koers gekozen hebben.
Gevechtstoestel
Vorige week verdween een Turks gevechtstoestel boven de Syrische kust van de radar. Syrië gaf toe het toestel neergehaald te hebben, omdat het boven Syrisch gebied vloog.
Turkije reageerde furieus op het incident. Het toestel zou immers even boven Syrische wateren hebben gevlogen, maar zou zijn neergeschoten boven Turks grondgebied. Turkije zei toen nog 'de nodige maatregelen' te nemen.
Artikel 5
Gevreesd werd dat Turkije zich zou beroepen op artikel 5 van het Noord Atlantisch Verdrag. Dat houdt in dat de NAVO moet ingrijpen, wanneer een lidstaat wordt aangevallen.
Na overleg met zijn veiligheidsstaf zag Erdogan hier uiteindelijk vanaf.
'De NAVO moet niet een aanhangwagen worden van Erdogans regering. Het militaire bondgenootschap moet in deze kwestie terughoudendheid betrachten.
Meer overleg met het Rusland van Vladimir Poetin is zinvoller en minder gevaarlijk voor het bereiken van vrede in Syrië dan een NAVO-operatie. Maar de Britten denken er anders over.'
Lees de weblog van Afshin Ellian: Vreemde rol Turkije in Syrische burgeroorlog