Justinus van der Brugghen
De vijfde in de serie Alle Nederlandse Premiers: Justinus van der Brugghen (1804-1863)
Het is in Nederland al een tijdje de gewoonte om liberalen en conservatieven op één hoop te gooien. Aanhangers van beide stromingen zouden ‘rechts’ zijn. Maar dit oordeel gaat geheel voorbij aan de fundamentele verschillen tussen de twee ideologieën, die zeker in de negentiende eeuw goed zichtbaar waren.
Toen waren de liberalen, voortgedreven door een optimistisch vooruitgangsgeloof, de motor achter politieke en sociale veranderingen. En de wantrouwige conservatieven verdedigden met kracht tradities en bestaande instituties tegen dreigende hervormingen.
Conservatief
Een van de welsprekendste Nederlandse conservatieven was Guillaume Groen van Prinsterer (1801-1876). De antirevolutionaire politicus legde in zijn hoofdwerk Ongeloof en revolutie uit welke rampzalige gevolgen onstuimige dadendrang kan hebben, zoals de Franse Revolutie (1789) in zijn ogen had bewezen. Tegenover de gedachte van de heerschappij van het volk plaatste hij de soevereiniteit van God. In de Tweede Kamer kwam de calvinist met theocratische trekken lijnrecht tegenover de liberaal Johan Rudolf Thorbecke te staan.
Hoewel hij als voorman van de protestanten een belangrijke politieke rol speelde, zou Groen van Prinsterer nooit de invloed van een staatsman als Thorbecke verwerven. In 1856 was er wellicht een kansje geweest om premier te worden, toen F.A. baron van Hall aftrad. Maar de Koning zocht een meer gematigde figuur en koos voor Justinus van der Brugghen. Met deze geestverwant als leider van het land kon Groen van Prinsterer goed leven. Aanvankelijk althans. Want er ontspon zich een dramatisch conflict tussen beide heren.
Vreze Gods
Justinis Jacob Leonard van der Brugghen was op 6 augustus 1804 geboren in Nijmegen als zoon van een ontvanger der directe belastingen. Hij studeerde rechten in Leiden, vestigde zich als advocaat in zijn geboortestad en diende het land vier jaar in Brabant als officier in het leger. In 1845 werd de gerespecteerde jurist benoemd tot president van de Arrondissementsrechtbank in Nijmegen. Met zijn nicht, jonkvrouw Anna Singendonck, had hij een harmonieus huwelijk. Ondanks het verdriet na de dood van hun enige zoon, vlak na hun koperen bruiloft.
In zijn denken werd Van der Brugghen sterk beïnvloed door het Réveil. Dat was een internationale opleving van het christelijke denken in de eerste helft van de negentiende eeuw. Geïnspireerd door de opwekkingsbeweging legde Van der Brugghen zich toe op studie van de Bijbel en raakte hij overtuigd van de immense waarde van de overdracht van Bijbelse waarden.
Hij werd een van de krachtigste verdedigers van het bijzonder onderwijs. Christelijke scholen waren geen instituten van bekrompen sektariërs, zo betoogde hij, maar deden enkel een lovenswaardige poging ‘kinderen vroeg bekend te maken met het Woord des Heren en met de vreze Gods, die de bron is van alle wijsheid’. Het waren woorden die Groen uit het hart gegrepen waren.
Pragmatisch
Voor de vrijheid van onderwijs, dat wil zeggen: voor de privileges van het christelijke onderwijs, streed Van der Brugghen ook in de Tweede Kamer. In 1853 werd hij door het kiesdistrict Zutphen afgevaardigd. Maar een jaar later, bij een tussentijdse verkiezing, verloor hij zijn zetel weer. Een vurige aanhanger van Thorbecke mocht zijn plaats in de volksvertegenwoordiging innemen.
De politieke loopbaan van Van der Brugghen leek al snel over. Maar na de val van het kabinet-Van Hall in 1856 wilde de Koning een formateur die politieke tegenstellingen kon overbruggen. De pragmatische jurist uit Nijmegen wekte de indruk daartoe in staat te zijn, in elk geval meer dan de dogmaticus Groen. Voordat Van der Brugghen de benoeming tot formateur aanvaardde, had hij wel eerst een onderhoud met de antirevolutionaire voorman. ‘Ik, niet gij, ben de man van het ogenblik,’ zei hij tegen Groen. Een even onbescheiden als realistische analyse, zo leek het.
Verbittering
In het kabinet dat hij in 1856 formeerde, nam Van der Brugghen zelf het ministerie van Justitie onder zijn hoede. Maar als premier had hij vooral te maken met onderwijspolitiek. Hij ontwierp een nieuwe schoolwet, die de mogelijkheid openliet bijzondere scholen op te richten en tegelijkertijd de gemengde openbare school handhaafde (gemengd in de zin van diverse levensbeschouwingen).
Groen toonde zich verbijsterd. Hij meende in Van der Brugghen een bondgenoot te hebben, maar zag in de schoolwet een ondermijning van de christelijke beginselen en belangen. Een gemengde school was ondenkbaar in de ogen van Groen, die de premier op hoge toon beschuldigde van inconsistentie, van oneerlijkheid, van het verloochenen van zijn antecedenten, van ‘politieke ondankbaarheid, politieke ontrouw, politieke onbedachtzaamheid’. Groen maakte zelfs openlijk een eind aan hun vriendschap en keerde in 1857 het parlement vol verbittering de rug toe.
De wet op het lager onderwijs veroorzaakte dus grote tweespalt in protestantse kring. Het was wel het enige belangrijke wapenfeit van het kabinet-Van der Brugghen. Verder kwam er weinig van de grond. Een poging om het belastingstelsel te hervormen liep op een mislukking uit en Van der Brugghen stuitte zelf op weerstand bij het streven naar een regeling van de rechterlijke organisatie. In maart 1858 gaf de premier de moed op en bood zijn ontslag aan. Het ‘ogenblik’ van Van der Brugghen bleek erg kortstondig.
Mislukking
Na zijn aftreden keerde hij terug naar Nijmegen, waar hij nog enkele brochures en boeken publiceerde. Zijn opvattingen over onderwijs bleven een doorn in het oog van veel geloofsgenoten. Toen hij een open brief schreef aan de Hervormde Kerk over het godsdienstonderwijs, kreeg hij een pinnige brief terug met als slot de wens ‘dat gij voor den koning en voor gans Nederland moogt bekennen, wat gij uit schromelijke onkunde voor Vorst en Vaderland bedorven hebt’.
In de laatste jaren was J.J.L. van der Brugghen een eenzaam man. Hij kende weinig vrienden, hij had geen school gemaakt, er waren geen volgelingen. Op 2 oktober 1863 stierf hij na een ziekte van een paar weken. Als we het leven van Van der Brugghen plaatsen naast dat van andere protestantse politici als Groen van Prinsterer, moest zijn biograaf P. Smit op sombere toon concluderen, ‘lijkt het één grote mislukking’.
Bestel nu de Speciale Editie Premier van Elsevier - met daarin de biografieën van alle naoorlogse premiers - voor slechts 8 euro (inclusief verzendkosten).