door
Rik Kuethe
4 jun 2008
Hillary Clinton moet haar verlies nu snel toegeven en vooral geen vice-president willen worden
Rik Kuethe
De voorverkiezingen in Amerika zijn eindelijk voorbij. Na vijf maanden van heroïsche strijd in elk van de vijftig staten, overschreed Barack Obama gisteren de magische grens van 2.118 gedelegeerden.
Hierdoor kan hem de nominatie van de Democratische partij niet langer ontgaan. Een zwarte in het Witte Huis is voor het eerst in de geschiedenis een gerede mogelijkheid geworden.
Comeback
Hillary Clinton, zijn geharnaste tegenstander, verdient bewondering voor de wijze waarop ze, wanneer ze al politiek dood gewaand, telkens is terug gekomen. Het ‘comeback-gen’ van man Bill bleek ook in zijn echtgenote aanwezig. Wel heeft zij zich van meet af aan gedragen alsof de nominatie haar als het ware bij goddelijke beschikking toe kwam.
Dat er volgend jaar toch niet voor het eerst een vrouw in het Oval Office zal zetelen, moet voor haar dan ook een nauwelijks te dragen wetenschap zijn.
Drammen
Toch overschreed ook zij vannacht een grens. Namelijk die waar haar doorzettingsvermogen in haar drammerigheid over gaat. En dat is kwalijk.
Doordat ze weigerde te erkennen dat Obama volgens de regels van het spel (een meerderheid aan gedelegeerden) gewonnen heeft, zette ze enigszins een domper op de feestvreugde in die historische nacht.
Kwalijk
Kwalijker is dat ze daarmee de verdeeldheid in de Democratische gelederen nog weer laat voortduren. Met het been van die tweedracht, loopt Republikein John McCain lachend heen.
Hillary Clinton schijnt belangstelling te hebben voor het vice-presidentschap. Psychologisch is dat nogal onbegrijpelijk.
In elk geval moet Barack Obama daar nooit aan beginnen. Het zou een recept voor een ramp betekenen. Zoiets als Rita Verdonk (Trots op NL) vier jaar lang als vice-president achter Mark Rutte (VVD) te laten staan.