door
Brenda Peeters
8 mei 2008
Balkenende vond ook dat het gesprek net zo goed met Bos gevoerd kon worden
Minister Wouter Bos (PvdA) van Financiën zag vorig jaar maart geen reden om een gesprek te regelen tussen premier Jan Peter Balkenende, president Nout Wellink van De Nederlandsche Bank (DNB) en topman Rijkman Groenink van ABN AMRO over een fusie van deze bank en ING.
Dat schrijft de minister in een brief (pdf) aan de Tweede Kamer. Nout Wellink had voorgesteld premier Jan Peter Balkenende (CDA) te vragen om politieke steun voor de fusie.
Onwenselijk
Maar Wouter Bos vond dat het gesprek net zo goed met hem gevoerd kon worden. Want het is, zo redeneert hij, de wettelijke taak van de minister van Financiën om zich over dergelijke overnamekwesties te buigen.
Bovendien meent Bos 'dat het onwenselijk zou kunnen zijn de minister-president in een positie te brengen waarvan op voorhand niet duidelijk was of die zou kunnen worden uitgelegd als ongeoorloofde bemoeienis met een aangelegenheid tussen private partijen'.
Balkenende was het met deze opvatting eens, aldus Bos in de mede door de premier ondertekende brief.
Politieke steun
Bos heeft DNB-president Nout Wellink destijds laten weten dat hij bereid was politieke steun te geven aan een fusie van ABN AMRO en ING. Wellink zag liever een binnenlandse overname dan een opsplitsing van het bedrijf.
Uiteindelijk liepen de besprekingen met ING echter vast en namen Royal Bank of Scotland, het Belgisch-Nederlandse Fortis en het Spaanse Santander ABN AMRO over.
Lees alles over de overname van ABN AMRO in het dossier
Door Brenda Peeters
Naar de homepage