door
Bas Benneker
23 okt 2007
Poolse arbeiders demonstreren voor gelijke arbeidsrechten
Als verzorgingsstaat is Nederland erg aantrekkelijk voor laagopgeleide immigranten, maar deze groep zet de financiering ervan onder druk als tijdelijk verblijf overgaat in permanente vestiging.
Dat concludeert het Centraal Planbureau (CPB) in een vandaag gepubliceerd onderzoek naar arbeidsmigratie in verschillende typen verzorgingsstaten.
Vloek
'Genereuze' welvaartsstaten zoals Nederland, die een hoge mate van herverdeling van inkomens kennen, krijgen bij arbeidsmigratie te maken met wat het CPB de 'vloek van de welvaartsstaat' noemt.
Deze landen willen graag hoogopgeleide immigranten - van wie ze de hoogbelaste inkomens weer kunnen herverdelen - maar die kiezen voor landen met lagere belastingen, dus minder herverdeling.
Anderzijds trekken de genereuze sociale regelingen laagopgeleide arbeidsmigranten aan. Wordt hun verblijf permanent, zoals in het verleden vaak het geval was, dan leggen ze een dusdanig beslag op de verzorgingsstaat dat de financiering ervan in gevaar komt.
Restrictief
Hoofdauteur Rob Euwals erkent dat zich in Nederland dit laatste scenario heeft afgespeeld. 'In een ver verleden is dat gebeurd met de gastarbeiders in de jaren zestig. Maar sindsdien is het migratiebeleid veel selectiever en restrictiever geworden.'
Té restrictief, vindt Euwals, want hoger opgeleide arbeidsmigranten blijven weg. Lagere belastingtarieven en eenvoudiger regelingen moeten hen naar Nederland trekken.
Daarnaast moeten er stevige garanties komen dat tijdelijke arbeidsmigratie van laagopgeleide mensen ook echt tijdelijk is. Zij kosten het ontvangende land netto veel geld als ze zich permanent vestigen - en de prikkel daartoe is juist in genereuze welvaartsstaten groot.
De EU komt met een 'Blue Card' om hoogopgeleide migranten te trekken. Goed idee of te weinig, te laat? Doe de poll
Naar de homepage