door
Robin van der Kloor
2 mrt 2009
Zwarte dag op Wall Street
De beursdag begon op Wall Street begon maandag zeer slecht en dat is de hele dag zo gebleven. De Dow-Jonesindex kwam de hele dag niet boven de 'psychologische grens' van 7.000 punten en sloot op 6.763,29 punten, een verlies van 4,2 procent.
Het megaverlies van verzekeraar AIG en het nieuws dat het concern opnieuw miljardensteun van de Amerikaanse overheid krijgt, hebben vandaag de angst gevoed voor een verdere escalatie van de financiële crisis.
Laagste sinds jaren
Aan het eind van de handelsdag bedroeg het verlies van de Dow Jones 299,64 punten (4,2 procent) bij een stand van 6763,29 punten. De breed samengestelde S&P 500 ging 34,27 punten (4,7 procent) omlaag tot 700,82 punten.
Technologiegraadmeter Nasdaq verloor 54,99 punten (4 procent) bij een slotstand van 1322,85 punten. De Dow Jones daalde tot het laagste niveau in bijna twaalf jaar tijd. Alle fondsen in de index stonden op verlies, waarbij de bankaandelen wederom de zwaarste klappen kregen.
Staatssteun
Citigroup, de bank die vrijdag al bijna 40 procent van zijn waarde zag verdampen, was met een koersval van 20 procent opnieuw de grootste verliezer. Wells Fargo ging met 10 procent onderuit, Bank of America en JPMorgan Chase leverden tussen 7 en 8 procent van hun waarde in.
De financiële markten werden voor aanvang van de handel opgeschrikt door het recordverlies van 61,7 miljard dollar dat verzekeringsconcern AIG in het laatste kwartaal van vorig jaar moest incasseren.
AIG, ooit het grootste verzekeringsconcern ter wereld, krijgt extra staatssteun ter waarde van 30 miljard dollar. De verzekeraar werd afgelopen najaar al van de ondergang gered met 150 miljard dollar aan overheidssteun en is nu voor 80 procent in overheidshanden.