door
Arne Hankel
15 jan 2010
Het failliet van DSB Bank kost de Nederlandse banken honderden miljoenen
De Nederlandse banken gaan ervan uit dat het faillissement van DSB Bank hen tussen de 500 en 600 miljoen euro kost. De banken draaien op voor de spaargelden die aan DSB-spaarders worden uitbetaald onder het depositogarantiestelsel. Tot 100.000 euro is dat spaargeld gegarandeerd door de andere banken.
Het Financieele Dagblad schrijft vrijdag over de schade voor
de Nederlandse banken.
Marktaandeel
Iedere Nederlandse bank levert een bijdrage aan het
depositogarantiestelsel op basis van hun marktaandeel. Marktleider Rabobank betaalt
daardoor met een marktaandeel van 40 procent maximaal 240 miljoen euro.
De ING met 33
procent marktaandeel kost het minstens 165 miljoen euro en ABN AMRO 75 miljoen
euro.
Herziening garantiestelsel
Onder druk van de grote banken werkt het ministerie van
Financiën aan een herziening van het bestaande depositogarantiestelsel. Zij willen dat het garantiestelsel wordt opgezegd, schreven zij in 2008 in een brief aan minister van Financiën Wouter Bos (PvdA).
Bos is dat niet van plan maar overweegt de garantie uit een vooraf
aangelegde spaarpot te betalen en afhankelijk maken van het risicoprofiel van de
banken.
Hoe hoger het risicoprofiel van de bank, hoe hoger de bijdrage aan de
pot. Een premie berekent op basis van risico’s zou de banken
prikkelen om hun zaken op orde te houden en niet te stunten met extreme rentes.