door
Robbert de Witt
27 feb 2009
Poetin en Merkel: de laatste vindt dat Oost-Europa moet worden geholpen
'We hebben solidariteit getoond, en dat zullen we blijven doen.' De Duitse bondskanselier Angela Merkel overweegt financiële hulp te geven aan Europese lidstaten die in ernstige financiële problemen zijn geraakt door de economische crisis.
Merkel heeft dit gezegd tijdens een persconferentie over de EU-top die komende zondag wordt gehouden in Brussel, meldt de Europese website EUobserver.
Veel landen kampen met forse begrotingstekorten als gevolg van de crisis en de miljarden die overheden in de economie pompen. Maar geld lenen is inmiddels ook voor veel landen moeilijker geworden, en de concurrentie op de geldmarkt neemt nog steeds toe.
Geld lenen
De verwachting is dat landen die hard worden geraakt binnenkort naar het Internationaal Monetair Fonds of naar Duitsland, de grootste Europese economie, moeten stappen. Vooral Oost-Europese landen als Polen, Hongarije, Slowakije en de Baltische staten hebben moeite aan geld te komen.
Elk EU-land zou komende zondag eerlijk moeten zeggen hoe het er voor staat, vindt Merkel. Duitsland zou overwegen vervolgens geld te lenen.
Uitzonderlijke gebeurtenissen
De bondskanselier weigerde verder in te gaan op haar solidariteitsplan, maar liet wel doorschemeren dat landen die hulp zouden ontvangen hun begrotingstekort niet te ver mogen laten oplopen.
Het Verdrag van Maastricht biedt volgens Merkel voldoende ruimte voor het geven van financiële hulp. Artikel 100 van dat verdrag stelt dat financiële steun mag worden gegeven 'als landen worden geconfronteerd met moeilijkheden als gevolg van natuurrampen of uitzonderlijke gebeurtenissen waar zij geen invloed op hebben'.
De Wereldbank, de Oost-Europabank en de Europese Investeringsbank (EIB) trekken gezamenlijk 24,5 miljard euro uit om de bankensector en het bedrijfsleven in Oost-Europa te helpen de economische crisis tegen te gaan.
De steun wordt over een periode van twee jaar verstrekt en moet banken van extra liquiditeit voorzien zodat ze krediet kunnen blijven verstrekken aan kleine en middelgrote bedrijven.