door
Bram Hahn
13 jul 2009
Turkse premier Erdogan, Commissievoorzitter Barroso en president van Georgië Saakasjvili
Vier lidstaten van de Europese Unie hebben een akkoord bereikt met Turkije over de aanleg van een gaspijpleiding. Het aardgas uit Centraal-Azië moet Europa minder afhankelijk maken van Russisch gas.
Na slepende onderhandelingen kunnen de werkzaamheden aan Nabucco echt van start. Vier lidstaten van de Europese Unie en Turkije hebben in de Turkse hoofdstad Ankara een akkoord ondertekend over de aanleg van de gaspijpleiding naar Europa. De bedoeling van deze pijpleiding is om de afhankelijkheid van Russisch gas in Europa te verminderen.
Naast de premiers van Turkije, Oostenrijk, Hongarije, Roemenië en Bulgarije was ook de voorzitter van de Europese Commissie José Manuel Barroso aanwezig bij de ondertekening, om het belang van het project te onderstrepen.
Namens de Europese Commissie trad de VVD-burgemeester van Den Haag en oud-minister van Buitenlandse Zaken was Jozias van Aartsen op als bemiddelaar.
Azerbeidzjan
De Europese Unie draagt 250 miljoen euro bij aan het project, waarvan de totale kosten worden geschat op 7,9 miljard euro.
Via Nabucco moet vanaf 2014 in eerste instantie zo'n 8 miljard kubieke meter aardgas vanuit de Centraal-Aziatische Republieken - vooral Azerbeidzjan - naar Europa stromen. De bedoeling is om die hoeveelheid tegen het einde van dat decennium te verviervoudigen.
Rusland
Nabucco is een consortium van OMV (Oostenrijk), MOL (Hongarije), Transgaz (Roemenië), Bulgargaz (Bulgarije), Botas (Turkije) en RWE uit Duitsland.
Momenteel komt ongeveer een kwart van het aardgas in Europa uit Rusland. Maar herhaaldelijke incidenten in het verleden, onder meer bij conflicten tussen Rusland en Oekraïne, brachten de bevoorrading in het gedrang.