door
Shari Deira
22 nov 2011
Wilders zegt dat Gül niet welkom is voor een staatsbezoek
PVV-leider Geert Wilders ondermijnt met zijn oproep om de Turkse president Abdullah Gül niet te ontvangen het diplomatieke systeem dat is gericht op het vermijden van oorlog. Het is een bedreiging van de internationale rechtsorde.
Dat schrijft hoogleraar politieke theorie en auteur van Wilders' biografie Meindert Fennema in een opiniestuk in de Volkskrant. Hij reageert daarmee op het artikel van Wilders, die vindt dat de viering van vierhonderd jaar betrekkingen met Turkije moet worden afgelast en dat de president van Turkije niet welkom is voor een staatsbezoek.
Mensenrechten
Fennema schrijft dat Wilders zich niet realiseert dat de maatstaven waaraan hij Turkije de maat neemt, ook moeten worden toegepast op andere landen. 'Ook de president van China, Japan, Indonesië, de meeste Afrikaanse landen, Rusland, Israël en vele andere landen die soms mensenrechten niet respecteren, zouden niet meer welkom zijn.'
Volgens de hoogleraar zou het ertoe leiden dat weinig staatsbezoeken nog kunnen worden afgelegd. 'En daarmee wordt het hele systeem van diplomatieke betrekkingen ondergraven.' Hij noemt de suggestie van Wilders om de diplomatieke betrekkingen met islamitische landen te vebreken, gevaarlijk.
Welkom
In het stuk van Wilders schrijft de PVV-leider dat Nederland vierhonderd jaar betrekkingen met Turkije niet moet vieren, omdat er 'niets te vieren valt'.
'Het islamitische regime van Gül en zijn partijgenoot, de Turkse premier Erdogan, is geen waarachtige vriend van het Westen en dus ook niet van Nederland. President Gül is niet welkom.' 'Turkije heeft geen plaats in de Europese waardengemeenschap en daarom is er geen reden voor een feestje.'
Volgend jaar is het vierhonderd jaar geleden dat de eerste vertegenwoordiging van toen nog de Republiek der Nederlanden werd gesticht in Istanbul, destijds de hoofdstad van het Ottomaanse Rijk. De viering wordt groots aangepakt.
H.J. Schoo-lezing
Hoogleraar Meindert Fennema verzorgde in 2009 de H.J. Schoo-lezing van weekblad Elsevier. Tijdens de lezing ging hij uitvoerig in op de geschiedenis van de vrije meningsuiting en de vraag of die aan zekere (juridische) regels moet zijn gebonden en zo ja, welke.