door
Shari Deira
29 mrt 2011
Leers zegt dat er vierhonderd gevallen zijn in Nederland die lijken op de kwestie-Sahar
De eerste rechtszitting over de uitzetting van het Afghaanse meisje Sahar is op verzoek van minister van Immigratie en Asiel Gerd Leers (CDA) uitgesteld bij de Raad van State. De eerste zitting in het hoger beroep zou woensdag plaatshebben, maar dat gaat niet door.
Dat heeft de Raad van State dinsdag gemeld.
Bericht
Reden voor het uitstel is dat dinsdag nieuwe informatie beschikbaar is over de situatie van meisjes in Afghanistan op school. Leers wil eerst bekijken of dit bericht van het ministerie van Buitenlandse Zaken, invloed heeft op de situatie van het gezin van Sahar dat in Sint-Annaparochie woont.
De Raad van State is akkoord gegaan met het verzoek van Leers. Het is nog niet duidelijk wanneer de eerste zitting plaatsheeft.
Beroep
Leers ging in januari in beroep bij de Raad van State tegen de uitspraak van de rechter in Den Bosch. De rechtbank in Den Bosch oordeelde dat Sahar en haar gezin voorlopig niet mogen worden teruggestuurd naar Afghanistan.
Volgens de rechter is het meisje te verwesterd en kan zij zich niet meer aanpassen aan de leefomstandigheden in het land van herkomst. Leers wil met een hoger beroep uitsluitsel krijgen of verwestering voldoende reden is om de familie Hbrahim Gel in Nederland te laten blijven.
De minister heeft onlangs gezegd dat er in Nederland vierhonderd gevallen zijn die lijken op de kwestie-Sahar. De CDA'er wil ervoor zorgen dat asielprocedure flink wordt verkort. Hij wil voorkomen dat asielzoekers jarenlang kunnen procederen door aanvraag op aanvraag kunnen te stapelen.
'Het is angstaanjagend om over macht te beschikken waarmee je het lot van anderen bepaalt. Deze macht verschaft het asielrecht. De staat, de ambtenaren van de staat, moeten beslissen of een vreemdeling voldoet aan de criteria om als vluchteling te worden aangenomen oftewel toegelaten.'
Lees de hele weblog van Afshin Ellian: Afghaans meisje Sahar verdient gerechtigheid