door
Administrator
21 dec 2006
Asieladvocaten lopen zich warm na de uitspraak van de Raad van State dat VVD-minister Rita Verdonk als minister voor Vreemdelingenzaken beter had moeten aangeven wanneer een uitgeprocedeerde asielzoeker een ‘schrijnend geval’ is.
De Vereniging Asieladvocaten en -juristen Nederland (VAJN) gaat ervan uit dat vele dossiers van vreemdelingen nu opnieuw moeten worden beoordeeld. De minister zal volgens de VAJN alle negatieve beslissingen op aanvragen om als schrijnend geval te worden aangemerkt moeten intrekken.
De Raad, het hoogste Nederlandse rechtsorgaan, kwam vandaag tot haar oordeel. De uitspraak kan volgens een woordvoerder gevolgen hebben voor mensen die ook als schrijnend geval in aanmerking wilden komen voor een verblijfsvergunning.
In juli kwam de rechtbank in Amsterdam tot hetzelfde oordeel, maar Verdonk ging bij de Raad van State in beroep tegen die uitspraak.
'Met haar hart'
Een minister mag op grond van zijn discretionaire bevoegdheid uitgeprocedeerde asielzoekers als ‘schrijnend geval’ bestempelen waardoor die, buiten de regels om, alsnog een verblijfsvergunning krijgen. Ondanks haar 'harde imago' streek Verdonk veel vaker met haar hand over het hart dan haar voorgangers.
Als deze bevoegdheid aan regels wordt gebonden, zo vindt Verdonk, kan een minister dit veel minder makkelijk doen. Zij liet destijds weten dat zij ‘met haar hart’ wilde spreken bij de beoordeling van schrijnende gevallen.
Maar de Raad van State is het hier niet mee eens. Als een minister niet kan onderbouwen waarom de ene asielzoeker wel een schrijnend geval is en de andere niet, is er volgens de Raad sprake van willekeur.
Tegen een uitspraak van de Raad van State is geen beroep mogelijk.
CDA-minister Ernst Hirsch Ballin, die de portefeuille Vreemdelingenzaken van Verdonk overnam, beraadt zich nog op een reactie.
Lees het Elsevier-commentaar Gunst mag geen recht worden.
Door Fleuriëtte van de Velde