door
Anna Dijkman
14 mei 2008
Premier Jan Peter Balkenende naast de Surinaamse president Ronald Venetiaan
Premier Jan Peter Balkenende (CDA) heeft tijdens zijn bezoek aan Suriname geen excuses gemaakt voor het slavernijverleden. Wel zei hij 'het leed te betreuren dat is veroorzaakt door slavernij en slavenhandel'.
Balkenende brengt het land samen met minister Maxime Verhagen van Buitenlandse Zaken (CDA) een bezoek op doorreis naar Peru.
Slavernij
Tijdens een ontmoeting met de Surinaamse president Ronald Venetiaan benadrukte Balkenende het belang van goede samenwerking tussen de landen. In zijn toespraak wijdde hij ook een passage aan het slavernijverleden.
‘Ons gezamenlijke verleden van meer dan driehonderd jaar heeft veel sporen nagelaten. Sommige sporen zijn in het geheugen gegrift en kunnen nooit meer worden uitgewist,’ aldus Balkenende.
Spijt
Excuses voor het slavernijverleden maakte hij niet, hij verwees wel naar voormalig minister Roger van Boxtel (Koninkrijksrelaties, D66) die in 2001 namens Nederland al ‘diepe spijt’ heeft betuigd. ‘Daarover is namens de Nederlandse regering al eerder spijt betuigd. Die woorden blijven vanzelfsprekend gelden,’ zei Balkenende gisteren.
SP-Kamerlid Harry van Bommel had voorafgaand aan het bezoek geëist dat Balkenende excuses zou aanbieden voor de slavernij.
Balkenende kondigde wel aan aanwezig te zullen zijn bij de herdenking van 145 jaar afschaffing van de slavernij op 1 juli bij het slavernijmonument in Amsterdam.
Lees ook het Elsevier-commentaar Geen excuses voor slavernijverleden
Naar de homepage