door
Marlou Visser
7 jul 2012
Er waren te weinig bewindslieden, vonden de CDA'ers
Het kabinet-Rutte telde twaalf ministers en acht staatssecretarissen, acht bewindslieden minder dan het kabinet Balkenende-IV. Het is vooral de CDA’ers uit het kabinet slecht bevallen. ‘Ik kom niet aan denken toe,’ zegt Defensieminister Hans Hillen.
Dat meldt de Volkskrant.
Ook Henk Bleker, staatssecretaris van Landbouw, Milieu en Buitenlandse Handel is ontevreden over de keuze minder bewindslieden aan te stellen. ‘Het knelt enorm in de agenda. Ik moest twintig keer op handelsmissie. Dat gaat dus niet, met energievretende binnenlandse dossiers.’
Nee zeggen
Staatssecretaris Ben Knapen (Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking) vond zijn portefeuilles eveneens lastig te combineren. ‘Ik stuit op praktische problemen. Als ik in een ontwikkelingsland ben, kan ik geen bewindslieden uit Europa ontvangen. Ik moet soms nee zeggen.’
Minister van Binnenlandse Zaken Liesbeth Spies heeft ook praktische problemen zonder staatssecretaris. Eerder dit jaar moest ze tien uur non-stop vergaderen in de Tweede Kamer. ‘Toen heb ik gedreigd een plaszak te gebruiken. Zelfs in mijn pauze hadden ze een debatje gepropt.’
Spierballen
‘De inkrimping is achteraf bezien gewoon geen verstandig besluit geweest. Het was een snelle beslissing, even de spierballen laten zien. Vijf minuten dapper en daarna jarenlang de tol betalen. Het tekort aan mankracht gaat ten koste van de kwaliteit en creativiteit van bewindslieden,’ zegt Defensieminister Hans Hillen, die in tegenstelling tot zijn voorganger geen staatssecretaris heeft.
Premier Mark Rutte (VVD) wilde een kleiner kabinet omdat hij streeft naar een kleinere overheid, en bij zichzelf wilde beginnen. 'De trap wordt van bovenaf schoongeveegd.'