door
John de Greef
27 jan 2011
De Amsterdam International Fashion Week (AIFW) ging gisteravond van start met maar liefst twee shows van couturier Jan Tamniniau. De laatste vol drama: geheel gemaskeerde gezichten en tergend hoge plateauzolen. En daartussen: bijzonder fraai textiel, maar minder geslaagde creaties.
Staande ovatie in oude schoenen
Pingelt iemand in ons land verdienstelijk een stukje Debussy, de pianist kan rekenen op onevenredig lang applaus. Strooi het publiek vanaf de catwalk met hulp van modellen wat slepende voile en felle glitter in het gezicht en hup daar is de staande ovatie. Gisteravond bij de openingssoiree van AIFW-hoofdsponsor (en goed gastheer) ABN AMRO veerde een deel van het publiek, in rommelige black tie met opvallend veel oude schoenen, onmiddellijk omhoog om Jan Taminiau staand toe te klappen.
Subtiel wordt flets
Al de bijval is de charmante Jan Taminiau van harte gegund. Hij heeft met elan al heel wat op zijn jonge couturenaam staan. En hij heeft het maar voor elkaar gekregen dat prinses Máxima zijn kleren draagt. Maar de ruimte die hij kreeg als mode-openingsact bleek te riant. Taminiau’s werk is van dichtbij mooi en interessant. Er valt veel te genieten als je zijn textiel, dessins en borduursels op de hand bekijkt. Maar neem enige afstand en de subtiele tinten, weefsels en versieringen krijgen een niet bedoelde fletsheid. Daarbij is zowel zijn vormentaal als modebegrip aan de povere kant.
Weinig actueel
Dat Taminiau een modeontwerper met geen spits gevoel voor actualiteit is, demonstreerde hij met het eerste deel van de ‘soiree’. Met een demi-couture-collectie (klant bestelt wat zij ziet en krijgt het na één pasbeurt op maat geleverd). Veel satijnen omslagrokjes en haltertopjes met wat swarovki-steentjes in vale groen- en bleke abrikoostinten.
En lange jurken vol plooien die wel aan het wonderbaarlijk mooie werk van Madame Grès deden denken, maar dat niveau niet haalden. Slechts een enkele creatie waarbij een gouden glitterschouder met poffend bleek textiel werd bedekt had eigentijdse allure en echt raffinement.
Laboratorium
Het tweede deel was de haute couture-collectie. Die werkt bij Jan Taminiau als een interessant laboratorium waar hij samen met zijn cliënt ideeën uithaalt om te verwerken tot de droom van een jurk die hij en zij wensen. Zal in de praktijk best werken, maar op een grote catwalk overtuigt de Taminiau-couture niet echt. Met pailletten gemaskeerde hoofden en onmogelijke chopines (waar de modellen wonderbaarlijk goed mee uit de voeten konden) leverden, zeker samen met gedessineerde en gedrapeerde korte jurkjes, wel erg veel referenties aan het oude werk en de oude shows van Alexander McQueen. Zijn haute couture-stukken had hij beter, evenals Givenchy deze week in Parijs deed, stilstaand in beeld kunnen brengen. Maar ja, the show must go on…
Gave en makke
Het finalestuk, een papier-achtige, witte creatie bestrooid met swarovski-kristal toonde precies de gave en de makke van Taminiau. Het spannende materiaal is werkelijk prachtig gecreëerd, maar de uiteindelijke vorm en uitvoering doen daar afbreuk aan. De som der delen blijkt bij Taminiau niet spannender. Maar, het ABN-AMRO-publiek vond het dramatisch mooi. Misschien moet de bank, die zich zo graag met mode afficheert, eens over een echte modecurator nadenken? Die kan dan misschien ook helpen met de dresscode op de uitnodiging, die nu drie tegenstrijdige suggesties leverde.