Een spagaat is een prachtig figuur bij ballet, maar een pijnlijke houding voor modeontwerpers. Dat werd gevoelig duidelijk bij de vijfde Dutch Fashion Awards-uitreiking. Commerciële kleren zijn goed voor de verkoop, maar geen materie voor een modeshow. De internationale jury was duidelijk: met overrompelen en opvallen kom je verder en val je in de prijzen.
Opgepimpte confectie
‘Ik heb mijn lesje geleerd,’ sprak Avalon-ontwerper Erik Frenken deemoedig na afloop van de vijfde Dutch Fashion Award-show in Den Haag. De internationale jury van mode-experts koos vrijdagavond niet voor de gedoodverfde winnaar Frenken, maar voor Conny Groenewegen. Zij kreeg voor haar innovatieve breiwerk naast de Mercedes-Benz-hoofdprijs van 25.000 euro, ook de Internationale Incubator Award.
De in Nederland afgestudeerde en werkzame Koreaan Hyun Yeu ontving voor zijn dandyeske mannenmode de Nationale Incubator-prijs en mag eerdaags een klein deel van zijn aangename Ado Les Scents-collectie in De Bijenkorf hangen. Daarmee liet de jury duidelijk merken vooral gecharmeerd te zijn van nog niet geheel gevormde creativiteit en afwijkende ideeën.
Niet onterecht, want de presentatie in de Haagse Grote Kerk was voor een te groot deel gewijd aan opgepimpte confectie, die het op winkelrekken beter doet dan op de catwalk. Overtuigen met mode vraagt om het uitvoerig etaleren van een visie op vernieuwing. En dat deden de winnaars Connie Groenewegen en Hyun Yeu inderdaad het best.
Lastige spagaat
Degelijk en draagbaar zijn argumenten waarmee je goed ontworpen kleding prima kunt verkopen. Dat weten genomineerden als Marcha Hüskes en Joline Jolink die met hun betaalbare collecties heel wat vrouwen een plezier doen. Maar het zijn, ook al voeg je zoals Hüskes allerlei doorkijktops toe, niet de eigenschappen waarmee je overtuigend een modeshow geeft.
Zeker niet in zo dominante omgeving als een black tie-avond in een historische kerk. En je overtuigt er ook niet een internationale en terecht strenge jury mee, die speciaal naar Nederland komt om verrast te worden door een bijzondere visie op kleren.
Maar ja, de spelregels eisen wel dat je al vijf jaar zelfstandig werkt als ontwerper, minstens vijf collecties hebt uitgebracht, kortom: geleerd hebt om in het moeilijk mode-klimaat van ons land je hoofd boven water te houden. Het levert een lastige spagaat op tussen commercie en creativiteit. Tussen tonen waar je je geld mee verdient en het stelen van de show.
Geschokt jurylid
Een erg onhandige opmerking van Erik Frenken bij een inleidend filmpje voor de modeshow van zijn Avalon-collectie, dat mode en kunst wat hem betreft ver uiteenliggen - waarbij hij en passant het in artistieke kringen zo geliefde Comme des Garçons-label als kerstmisspektakel classificeerde - werd bij de uitreiking van de hoofdprijs door jurylid Armand Hadida nog naar voren gehaald. Hadida, eigenaar van de avant-gardistische l’Eclaireur-winkels in Parijs, 'was er door geschokt'.
Jammer dat hij niet andere, waardevollere teksten en gedachten van Erik Frenken aanhaalde, want die gaf juist toe pas enkele centimeters van een lange weg te hebben afgelegd. Een goede kenschets, want zijn Avalon-collectie liet goede ontwerpen zien (erg geslaagde mannenjassen!), maar kwam als geheel niet overtuigend in beeld. Terwijl Frenken, die ooit verbluffend afstudeerde, nou net de ontwerper is die een originele kijk op kleding heeft. De commerciële dagelijkse druk is duidelijk te groot om vrijheid uit te stralen.
Coach gevraagd
Ook op de CG-collectie van de winnaar Connie Groenewegen was nog wel wat aan te merken. Haar breiwerk is - vooral van dichtbij - innovatief en interessant, maar de uiteindelijke vorm van haar kleren en haar kleurgevoel vragen om verbetering. Eigenlijk zouden alle genomineerden enorm zijn geholpen als ze door een goede coach waren begeleid voor hun optredens en shows bij deze Dutch Fashion Awards.
Het is tenslotte een prachtgelegenheid om te stralen en te overtuigen en een breed, internationaal publiek te bereiken. Knap dat de organisatie met weinig middelen zo'n voortreffelijk podium weet te bouwen. Graag ook een goede en deskundige presentatie. Lauren Vester schoot echt tekort: zelfs met echte vrolijkheid verhul je nooit een gebrek aan inhoud of kennis. Of het feit dat je beroerd Engels spreekt.