door
Maartje Willems
8 aug 2009
De Portugees-Israëlitische vastgoedmiljonair Maurits 'Maup' Caransa is vrijdag op 93-jarige leeftijd overleden.
Dat hebben betrouwbare bronnen zaterdag bevestigd naar aanleiding van berichtgeving in De Telegraaf. Het is onbekend waaraan hij is overleden.
Caransa had veel horecavastgoed in Amsterdam. Hij was al bekend als rijke zakenman, maar werd landelijk groot nieuws toen hij in 1977 werd ontvoerd.
Verdwijning
De zakenman werd na een bridge-avond in de Continental-Club tegenover het Amstel Hotel ontvoerd en was vijf dagen verdwenen.
Hij werd vrijgelaten nadat hij zelf met zijn ontvoerders had onderhandeld. Hij betaalde 10 miljoen gulden (ongeveer 4,5 miljoen euro), terwijl de daders 40 miljoen gulden (18 miljoen euro) hadden geëist.
Ontvoerders
Zijn ontvoerders zijn nooit gevonden. Caransa heeft hen ook nooit gezien, daar ze constant bivakmutsen droegen en met hem praatten door een babyfoon. Hij kon wel vertellen dat zij Engels praatten met een Zuid-Europees accent.
Na zijn ontvoering leidde Caransa een teruggetrokken leven.
Zaken
Caransa handelde onder meer in olie, kolen, auto's en afgedankt legermaterieel.
Later koos hij definitief voor het vastgoed. In 1964 richtte hij de handelsonderneming M. Caransa BV op. Caransa zelf werd president-directeur en bleef dat tot op hoge leeftijd.
Zijn huizen stonden met name in Amsterdam. Een groot deel was geconcentreerd rond het Rembrandtplein, waar hij onder meer De Kroon en Schiller bezat.